Eisen aan natuurlijke personen (monteurs)
Op 11 maart 2024 is de herziene F-gassenverordening in werking getreden. Deze verordening verplicht natuurlijke personen (monteurs) die werkzaamheden uitvoeren aan apparatuur met zowel gefluoreerde broeikasgassen (F-gassen) en zogenoemde alternatieven (zoals ammoniak, koolstofdioxide en koolwaterstoffen) te beschikken over een geldig persoonscertificaat of trainingsattest (attest geldt voor motorvoertuigen binnen het toepassingsgebied van Richtlijn 2006/40/EG en airconditioningapparatuur en warmtepompen).
Op deze pagina
- Algemeen
- Overgangsperiode en belangrijke data
- Welke persoonscertificaten u kunt behalen
- Welke erkende certificeringsinstellingen (exameninstellingen) er zijn
- Beoordelingsrichtlijn
- Registratie
- Geldigheid bestaande certificaten
Algemeen
De Europese regels zijn, waar nodig, nader uitgewerkt in uitvoeringsverordeningen. Deze bepalen voor welke werkzaamheden, met welke koudemiddelen en vanaf welk moment certificering of attestering verplicht is. De uitwerking van deze verplichtingen is in Nederland vastgelegd in Beoordelingsrichtlijn BRL 200, waarvan versie 2.0 is gepubliceerd.
De certificeringsverplichting onder het nieuwe systeem geldt al vanaf 29 september 2025 voor een groot deel van de werkzaamheden, vanaf 29 maart 2026 na afloop van relevante overgangsregelingen en met aanvullende deadlines richting 12 maart 2029.
Overgangsperiode en belangrijke data
De invoering van het nieuwe certificeringsstelsel verloopt volgens een paar belangrijke stappen. Daarbij gelden zowel overgangsregelingen als vaste Europese deadlines.
Belangrijkste data op een rij:
- 11 maart 2024: inwerkingtreding herziene F‑gassenverordening
- 29 september 2025: certificeringsverplichting geldt voor diverse werkzaamheden, zie ook het nieuwsbericht Nieuwe uitvoeringsverordening minimumeisen voor de afgifte van certificaten
- 29 maart 2026: einde reguliere overgangsperiode BRL 200, nieuwe BRL 200-certificaten verplicht
- 1 juli 2026: uiterlijke verlenging overgangstermijn examens NH3 en CO2
- 12 maart 2029: iedereen moet ge(her)certificeerd zijn volgens het nieuwe systeem. Vanaf die datum moet iedereen die werkzaamheden met koudemiddelen onder de scope van de F-gassenverordening verricht, het nieuwe A1-, A2-, B-, C-, D- of E-certificaat hebben, of een combinatie daarvan. Deze nieuwe certificaten zijn 7 jaar geldig
Let op: ondanks overgangsregelingen geldt vanaf 29 maart 2026 al de certificeringsverplichting volgens de nieuwe uitvoeringsverordeningen voor de werkzaamheden die hieronder vallen.
Aanpassing overgangsperiode NH3 en CO2
Vanwege de complexiteit en uitgebreide veiligheidseisen heeft de ontwikkeling van de examen databank meer tijd in beslag genomen. Hierdoor wordt de oorspronkelijke deadline van 29 maart 2026 niet gehaald voor de ontwikkeling van de nieuwe examens voor NH3 en CO₂ (binnen de kaders van EC/2024/2215). Besloten is dan ook om de overgangstermijn zoals genoemd in BRL 200, versie 2.0 paragraaf 1.2.1 aan te passen.
Uitsluitend voor het afnemen van NH3‑ en CO2‑examens wordt de overgangsperiode verlengd tot het moment waarop:
- de nieuwe examens gereed en beschikbaar zijn, én
- examenlocaties zijn beoordeeld.
Deze verlengde overgangsperiode loopt tot uiterlijk 1 juli 2026. Tot dat moment mogen nog VVAKK‑A en VVAKK‑C vakbekwaamheidsbewijzen worden afgegeven. Deze blijven geldig tot uiterlijk 12 maart 2029.
Let op: Vakbekwaamheidsbewijzen VVAKK-A en VVAKK-die verlopen tussen 29 september 2025 en 1 juli 2026 behouden hun geldigheid tot uiterlijk laatstgenoemde datum. Daarna is her-certificering volgens het nieuwe systeem verplicht; deze zijn immers niet afgegeven binnen de overgangsperiode zoals benoemd in paragraaf 1.2.1 van BRL 200, versie 2.0.
Welke persoonscertificaten u kunt behalen
Vanuit de herziene Europese wet- en regelgeving gelden er kwalificatieverplichtingen voor het werken aan diverse producten en apparatuur. De algemene eisen hiervoor staan in de F-gassenverordening (EU) 2024/573, de uitwerking staat in zogenoemde uitvoeringsverordeningen.
Relevante uitvoeringsverordeningen
Uitvoeringsverordening (EU) 2024/2215 beschrijft de certificeringsverplichtingen voor werkzaamheden aan:
- stationaire koel-, klimaatregelings- en warmtepompapparatuur
- organische rankinecycli
- koeleenheden van koelwagens, koelaanhangwagens en lichte koelvoertuigen
- gekoelde intermodale containers
- gekoelde treinwagons die gefluoreerde broeikasgassen of alternatieven daarvoor bevatten
Ook verduidelijkt de uitvoeringsverordening (Annex I) de minimumeisen voor de afgifte van certificaten aan natuurlijke personen en de voorwaarden voor de wederzijdse erkenning van dergelijke certificaten. Bekijk deze infographic (pdf, 903 kB) voor meer informatie over wat er voor u als monteur verandert m.b.t. certificering.
Daarnaast gelden:
- Uitvoeringsverordening (EU) 2025/625 voor de certificeringsverplichting voor stationaire brandbeveiligingsapparatuur die bepaalde gefluoreerde broeikasgassen of relevante alternatieven bevatten.
- Uitvoeringsverordening (EU) 2025/627 voor de certificeringsverplichting voor stationaire elektrische schakelinrichtingen.
Persoonscertificaten volgens het nieuwe systeem
Volgens de uitvoeringsverordening kunt u de volgende persoonscertificaten behalen:
- certificaat A1, waaruit blijkt dat houders alle in artikel 2, lid 1 bedoelde activiteiten rond gefluoreerde broeikasgassen en koolwaterstoffen mogen uitvoeren
- certificaat A2, waaruit blijkt dat houders alle in artikel 2, lid 1 bedoelde activiteiten rond gefluoreerde broeikasgassen en koolwaterstoffen mogen uitvoeren die beperkt zijn tot apparatuur die een vulling van minder dan 3 kg bevat, of die, als het om hermetisch afgesloten systemen gaat die als zodanig zijn gelabeld, een vulling van minder dan 6 kg bevat
- certificaat B, waaruit blijkt dat houders alle in artikel 2, lid 1 bedoelde activiteiten rond kooldioxide (CO2) mogen uitvoeren
- certificaat C, waaruit blijkt dat houders alle in artikel 2, lid 1 bedoelde activiteiten rond ammoniak (NH3) mogen uitvoeren
- certificaat D, waaruit blijkt dat houders de in artikel 2, lid 1, punt d bepaalde activiteit mogen uitvoeren in verband met apparatuur die minder dan 3 kg gefluoreerde broeikasgassen bevat, of die, als het om hermetisch afgesloten systemen gaat die als zodanig zijn gelabeld, minder dan 6 kg gefluoreerde broeikasgassen bevat
- certificaat E, waaruit blijkt dat houders de in artikel 2, lid 1, punt a bepaalde activiteit mogen uitvoeren, mits hierbij het koelcircuit dat de in bijlage I en deel 1 van bijlage II bij Verordening (EU) 2024/573 vermelde gefluoreerde broeikasgassen bevat, niet wordt geopend.
De verschillende typen certificaten (A1 t/m E) geven aan welke handelingen een monteur mag verrichten en met welke koudemiddelen een monteur mag werken. Deze certificaten worden onderdeel van de nieuwe beoordelingsrichtlijn BRL 200. Certificaten onder deze nieuwe beoordelingsrichtlijn (BRL) 200 versie 2.0 (pdf, 579 kB) zullen vanaf uiterlijk 29 maart 2026 te behalen zijn.
Wat betekent dit in de praktijk?
Er zijn nieuwe certificaatcategorieën geïntroduceerd (A1, A2, B, C, D en E) die deels oude F‑gas- en VVAKK‑certificaten vervangen of uitbreiden. In de onderstaande tabel leest u meer over deze nieuwe certificaten en hoe die zich tot bestaande certificaten verhouden.
|
Nieuw certificaat (BRL 200 v2.0) |
Werkzaamheden/koudemiddel |
Gelijkwaardige 'oude' certificaten |
Opmerkingen |
|---|---|---|---|
|
A1 |
F‑gassen én koolwaterstoffen (alle hoeveelheden) |
F‑gas categorie I + ACK‑K of VVAKK‑ACB B1/B2 |
Volledig certificaat voor F‑gassen en brandbare koudemiddelen |
|
A2 |
F‑gassen en koolwaterstoffen tot 3 kg (6 kg hermetisch) |
F‑gas categorie I of II + ACK‑K of VVAKK‑ACB B1/B2/B3 |
Beperkter toepassingsgebied |
|
B |
Kooldioxide (CO2), alle hoeveelheden |
ACK‑C of VVAKK‑ACB C1/C2 |
Nieuw zelfstandig CO2‑certificaat |
|
C |
Ammoniak (NH3), alle hoeveelheden |
ACK‑A of VVAKK‑ACB A1 |
Nieuw zelfstandig ammoniakcertificaat |
|
D |
Alleen terugwinning F‑gassen (tot 3 kg / 6 kg hermetisch) |
F‑gas categorie III |
Geen installatie of onderhoud |
|
E |
Alleen lekcontrole F‑gassystemen zonder openen circuit |
F‑gas categorie IV |
Geen werkzaamheden aan koudemiddelcircuit |
Alternatieve toepassingen
Voor werkzaamheden en producten waarvoor nog geen concrete uitvoeringsverordeningen zijn vastgesteld, zoals de terugwinning van F-gassen uit schuimpanelen, gelamineerde platen of andere 'overige categorieën', geldt dat een natuurlijk persoon (monteur) moet beschikken over passende kwalificaties. Dit is niet nader gespecificeerd. Bij een eventuele controle moet inzichtelijk kunnen worden gemaakt welke kwalificaties aanwezig zijn. De beoordeling of deze passend zijn, ligt bij de bevoegde toezichthoudende instantie.
Houd onze nieuwsberichten in de gaten voor meer informatie.
Welke erkende certificeringsinstellingen (exameninstellingen) er zijn
- Certificatie Instelling voor Beveiliging en Veiligheid B.V. (CIBV), cibv.nl, toepassingsgebied: brandbestrijdingsmiddelen
- Bepect B.V., bepect.nl, toepassingsgebied: midden- en hoogspanningsschakelinstallaties
- Stichting Vakopleiding Automobiel- en Motorrijwielbedrijf (IBKI), ibki.nl, toepassingsgebied: mobiele airco's
- STE Examenbureau B.V., st-examenbureau.nl, toepassingsgebied: mobiele werktuigen en stationaire koeling
- Koninklijke PBNA B.V., pbna.com, toepassingsgebied: stationaire koeling
- Stichting Emissiepreventie Koudetechniek (STEK), stek.nl, toepassingsgebied: mobiele werktuigen en stationaire koeling
Voorbereiding op het examen kan via diverse opleiders en trainingscentra, waaronder ROC's, particuliere opleiders en vakscholen. Vaak wordt een examentraining aangeboden die praktijkgericht is en aansluit op de nieuwe eindtermen.
Beoordelingsrichtlijn
De Europese verplichtingen uit de F‑gassenverordening en bijbehorende uitvoeringsverordeningen zijn in Nederland vastgelegd in Beoordelingsrichtlijn BRL 200. Deze beoordelingsrichtlijn beschrijft:
- de eisen aan persoonscertificaten
- de examenstructuur en inhoud
- de voorwaarden voor erkenning van exameninstellingen
Rijkswaterstaat treedt hierbij op als schemabeheerder, in opdracht van het ministerie van Klimaat en Groene Groei, en erkent alleen exameninstellingen die aantoonbaar aan de eisen voldoen. De eisen waaraan de exameninstelling en u moeten voldoen, staan in de beoordelingsrichtlijn BRL 200.
De meest actuele versie is BRL 200 versie 2.0. Bekijk hiervoor de Beoordelingsrichtlijn (BRL) 200 versie 2.0 (pdf, 579 kB).
Registratie
Als u geslaagd bent voor een examen, dan registreert de exameninstelling uw certificaat bij het Centraal Register Techniek (CRT). Dit is een wettelijke verplichting. In dit digitale register staan vakmensen én vak bedrijven in de installatietechniek, zodat opdrachtgevers die snel en gemakkelijk kunnen vinden. Dit register voldoet volledig aan de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en aan de strengste eisen wat betreft ICT-veiligheid. Hiermee zijn al uw persoonsgegevens veilig.
Geldigheid bestaande certificaten
Lees meer over de geldigheid van bestaande certificaten in deze tabel.
|
Datum |
Toelichting |
|---|---|
| Tot 29 september 2025 |
|
|
Vanaf 29 september 2025 |
|
| 29 september 2025 – 29 maart 2026 (overgangsperiode) |
Let op: vanaf 29 maart 2026 worden geen nieuwe certificaten meer uitgegeven onder het oude systeem (met uitzondering van NH3 en CO2). |
| Na 29 maart 2026 |
|
| Tot 12 maart 2029 |
|
| Na 12 maart 2029 |
|
Hoe het hercertificeringsproces er precies uit gaat zien en of er gewerkt wordt met vrijstellingen of iets dergelijks, gaat de Gemeenschappelijke Examen Commissie CerVaKo in opdracht van het ministerie van Klimaat en Groene Groei met als uitvoerder Rijkswaterstaat in de komende periode vaststellen. Houd hiervoor onze nieuwsberichten in de gaten en blijf op de hoogte via onze IPLO Update F-gassen en alternatieven.