Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
Sinds 2026 vallen de taken van het voormalige ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) onder dat van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). Het ministerie van VRO bestaat dus niet meer. Er is nog wel een minister van VRO. De minister van VRO is in een aantal situaties bevoegd gezag voor het verlenen van omgevingsvergunningen.
VRO als vergunningverlener
De minister van VRO is in een aantal situaties bevoegd gezag voor het verlenen van omgevingsvergunningen. Het gaat dan met name om complexere aanvragen. Als niet duidelijk is welke orgaan bevoegd gezag is, wil VRO zo snel mogelijk bij de aanvraag betrokken worden. VRO moet betrokken worden bij activiteiten die afwijken van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl).
De Omgevingswet maakt onderscheid tussen wateractiviteiten en andere (omgevings)activiteiten. De minister van VRO is in een aantal situaties bevoegd gezag voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor andere (omgevings)activiteiten. De minister van VRO is in beginsel géén bevoegd gezag voor wateractiviteiten.
De minister van VRO is bevoegd gezag voor:
- enkelvoudige en meervoudige aanvragen om een omgevingsvergunning, als een aanvraag betrekking heeft op een of meer omgevingsplanactiviteiten van nationaal belang
- meervoudige aanvragen met magneetactiviteiten, als een aanvraag betrekking heeft op een of meer magneetactiviteiten Klik hier voor uitleg over dit begrip (opent in popup) van de minister van Klimaat en Groene Groei (KGG) in combinatie met een of meer magneet activiteiten van de minister van Infrastructuur en Waterstaat (IenW)
- meervoudige aanvragen zonder magneetactiviteiten, als een aanvraag betrekking heeft op:
- een combinatie van activiteiten (geen magneetactiviteiten), waarvoor bij een enkelvoudige aanvraag meer dan één minister als bevoegd gezag is aangewezen. Als de aanvraag in kwestie ook een of meer activiteiten bevat waarvoor bij een enkelvoudige aanvraag Gedeputeerde Staten (GS) en/of het dagelijks bestuur van een vervoerregio als bevoegd gezag is aangewezen, dan beslist de minister van VRO ook over deze activiteiten.
- een combinatie van activiteiten (geen magneetactiviteiten), waarvoor bij een enkelvoudige aanvraag de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) als bevoegd gezag is aangewezen, samen met een of meer activiteiten waarvoor Gedeputeerde Staten en/of het dagelijks bestuur van een vervoerregio bij een enkelvoudige aanvraag als bevoegd gezag is aangewezen.
Bij deze onderwerpen wil VRO betrokken worden
Als nog niet duidelijk is welk bestuursorgaan bevoegd gezag is, maar als VRO op grond van de hierboven genoemde situaties mogelijk wel een rol vervult (of lijkt te gaan vervullen), dan wil VRO zo snel mogelijk bij de verkenning (het vooroverleg) of de aanvraag betrokken worden. Samen met de andere betrokken bestuursorganen kan VRO dan bepalen wie het bevoegd gezag is en welke bestuursorganen een (mogelijke) rol vervullen met instemmingsbevoegdheid of als adviseur.
Dit vindt RVO belangrijk
Voor VRO is het verlenen van omgevingsvergunningen een nieuwe activiteit. Gelet op de situaties waarin VRO bevoegd gezag is, gaat het om complexere aanvragen waarbij meerdere andere bestuursorganen instemmingsbevoegdheid hebben en/of om advies moet worden gevraagd. Het zal dan met name gaan om andere ministeries en mogelijk ook provincies en vervoerregio's. (Alleen) in het geval van een omgevingsplanactiviteit van nationaal belang (de enige magneetactiviteit van VRO) kunnen ook gemeenten instemmingsbevoegdheid of een rol als adviseur hebben. Door de complexere aard zal veelal voorafgaand aan de formele vergunningaanvraag een verkenning van het initiatief (vooroverleg) geïnitieerd worden. Als VRO bevoegd gezag is (of lijkt te worden) en het verzoek tot verkennen van het initiatief is ingediend bij een ander bestuursorgaan, dan is het voor VRO van belang dat het zo snel mogelijk bij de verkenning wordt betrokken, zodat VRO samen met de andere betrokken bestuursorganen kan bepalen wie het bevoegd gezag is en welke bestuursorganen een (mogelijke) rol vervullen met instemmingsbevoegdheid of als adviseur.
VRO is naast bevoegd gezag voor het verlenen van omgevingsvergunningen ook stelselverantwoordelijke voor de Omgevingswet. VRO hecht daarmee veel waarde aan het tijdig en correct afhandelen van aanvragen voor omgevingsvergunningen door het juiste bevoegd gezag in nauwe samenwerking met de andere betrokken bestuursorganen.
Bij deze onderwerpen moet VRO betrokken worden
De minister van VRO moet om instemming gevraagd worden bij:
- een aanvraag om een bouwactiviteit waarbij het voornemen bestaat om bij de beslissing op de aanvraag af te wijken van de nieuwbouw eisen van het Bbl
- vraag om een maatwerkvoorschrift om af te wijken van een regel van het Bbl als geen omgevingsvergunning is vereist voor de bouwactiviteit
Contact met VRO
Bel met 070 426 64 26 of kijk op VRO.
Magneetactiviteit
Een magneetactiviteit is een activiteit die ervoor zorgt dat er bij een meervoudige aanvraag (dat is een aanvraag voor een omgevingsvergunning met diverse activiteiten) altijd sprake is van 1 bevoegd gezag. Die activiteit is zo belangrijk dat zij alle andere activiteiten als het ware naar zich toetrekt.
In afdeling 4.1 van het Omgevingsbesluit staat per bestuursorgaan aangegeven wanneer het bevoegd gezag is. De gevallen waarin er magneetactiviteiten zijn, kunt u herkennen aan het feit dat 'magneetactiviteiten' in de titel van het artikel staat. De precieze aanwijzing van de magneetactiviteiten vindt u in het tweede lid van een dergelijk artikel. Hoe dit in praktijk uitpakt, vindt u op de pagina Bepalen bevoegd gezag omgevingsvergunning.