OW 2010.27 – Biologisch luchtwassysteem
Systeembeschrijving van het biologisch luchtwassysteem.
Versienummer: OW 2010.27.V2 van oktober 2026.
Op deze pagina
- Diercategorie
- Reductiepercentages
- Werkingsprincipe
- Bouwkundige uitvoering
- Gebruikseisen
- Meetrapporten
- Afbeelding
- Vorige versie
Diercategorie
Zie voor diercategorieën waar het systeem kan worden toegepast code LW1.1 in bijlage VI van de Omgevingsregeling.
Reductiepercentages
Voor de reductiepercentages van het systeem code LW1.1 in bijlage VI van de Omgevingsregeling.
Werkingsprincipe
De ammoniakemissie wordt beperkt door de ventilatielucht te behandelen in een biologisch luchtwassysteem. Bij het beschreven systeem bestaat de installatie uit een filterunit van het type dwarsstroom met 3 onderdelen. Het gaat om 2 filterwanden met daartussen een sproeisectie. De filterwanden hebben een gelijk aanstroomoppervlak en zijn opgebouwd uit een kolom met vulmateriaal dat continu wordt bevochtigd met wasvloeistof. De gezuiverde lucht verlaat vervolgens via een druppelvanger de installatie.
Bij een aantal diercategorieën is het toegestaan om de waterwasser niet in te schakelen wanneer de dieren nog niet ouder zijn dan 14 dagen.
De 1e filterwand is een waterwasser (stofafvang) en de 2e filterwand is een biologische wasser. De waterwasser is ook een bevochtingsstap waarin spuiwater uit de biologische wasser wordt verdampt.
Tussen de waterwasser en de biologische wasser is een vrije ruimte aanwezig zonder filterpakket waarin continu water wordt versproeid. Door het bevochtigen van de lucht wordt stof uit de lucht verwijderd. Bij passage van de ventilatielucht door de 2e filterwand wordt de ammoniak opgevangen in de wasvloeistof. Door bacteriën die zich op het vulmateriaal en in de wasvloeistof bevinden, wordt de ammoniak omgezet in ammoniumnitriet en -nitraat.
Spuiwater komt vrij uit de waterwasser. Het water in de wateropvangbak in de waterwasser wordt aangevuld met het waswater uit de biologische wasser. Vervolgens wordt voor de biologische wasser schoon water aangevoerd tot het ingestelde vloeistofniveau in de wateropvangbak. In deze wateropvangbak wordt ook het waswater van de sproeisectie opgevangen.
Bouwkundige uitvoering
Ventilatie
- Zie het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) Klik hier voor uitleg over dit begrip (opent als uitklapper) voor de eisen voor de aanvoer van ventilatielucht naar het luchtwassysteem.
- Capaciteit maximale ventilatie in overeenstemming met de richtlijnen en adviezen voor maximale ventilatie. Wanneer voor de diercategorie richtlijnen en adviezen door een klimaatplatform zijn vastgesteld, dan wordt geadviseerd deze te volgen. Zie ook de randvoorwaarden op de pagina Luchtwassers.
Dimensionering luchtwassysteem
- Wassysteem opgebouwd uit 2 achter elkaar geplaatste filterelementen van het type dwarsstroom met een gelijk aanstroomoppervlak; tussen de twee elementen is een vrije ruimte van 1 m aanwezig met een sproeisectie.
- Het 1e element is een waterwasser opgebouwd uit een kolom kunststof filtermateriaal (structuurpakking), met een contactoppervlak van 300 m²/m³ filtermateriaal, met een hoogte van maximaal 2,7 m en een dikte van 0,15 m.
- De sproeisectie bestaat uit volkegelsproeiers waarbij de lucht over het gehele aanstroomoppervlak en een lengte van minimaal 0,45 m van bovenaf wordt bevochtigd.
- Het 2e element is een biologische wasser opgebouwd uit een kolom kunststof filtermateriaal (structuurpakking), met een contactoppervlak van 150 m²/m³ filtermateriaal, met een hoogte van maximaal 2,7 m en een dikte van minimaal 0,45 m.
- Via een druppelvanger, opgebouwd uit kunststof filtermateriaal met een dikte van 0,15 m, verlaat de gereinigde lucht het systeem.
- Capaciteit maximaal 7.200 m³ lucht per uur per m³ volume van het filterpakket in de biologische wasser en maximaal 2.800 m³ lucht per uur per m³ volume van de sproeisectie. In de sproeisectie is geen filterpakket aanwezig. Het gaat hier om het volume van de ruimte waarin de lucht met water wordt bevochtigd. De lengte is gelijk aan dat deel van de vrije ruimte tussen de waterwasser en de biologische wasser waarin de lucht actief wordt bevochtigd met sproeiers. Het aanstroomoppervlak is gelijk aan het aanstroomoppervlak van de waterwasser en de biologische wasser.
- De lengte van de sproeisectie is zo groot dat de totale luchtverblijftijd in de waterwasser, biologische wasser en sproeisectie altijd minimaal 2,0 seconden bedraagt. De minimale luchtverblijftijd in het systeem wordt berekend door het volume van de waterwasser, biologische sectie en sproeisectie bij elkaar op te tellen (m3) en dit te delen door het maximale luchtdebiet door de wasser (m3/s). Om aan de eis van een luchtverblijftijd van 2 seconden te kunnen voldoen, kan het nodig zijn om in de sproeisectie een lagere luchtbelasting te hanteren dan het genoemde maximum van 2.800 m3 lucht per uur per m3 volume van de sproeisectie.
- Aan te tonen met gegevens die op basis van het Bal bij de melding worden gevoegd of aanwezig zijn. Er moet een opleveringsverklaring aanwezig zijn. In deze verklaring zijn de belangrijkste gegevens (zoals controleparameters) en dimensioneringsgrondslagen van de geïnstalleerde luchtwasser opgenomen. Met behulp van deze verklaring wordt aangetoond dat het luchtwassysteem volgens de systeembeschrijving is uitgevoerd en gedimensioneerd.
Registratie
Het luchtwassysteem heeft een meet- en registratiesysteem zoals is opgenomen in het Bal.
Spuiregeling
Het spuien van het waswater uit de biologische wasser wordt aangestuurd door een automatische regeling op basis van geleidbaarheid en de pH, waarbij gespuid wordt voordat de pH lager wordt dan 6,5.
Gebruikseisen
Instelling parameters en controle
- De zuurgraad (pH) van het waswater in de biologische wasser is minimaal 6,5 en mag niet meer zijn dan 7,3.
- De geleidbaarheid van het waswater in de biologische wasser is maximaal 20 mS/cm.
- Zowel de waterwasser als de biologische wasser moeten continu zijn ingeschakeld. Bij de volgende diercategorieën is het toegestaan om de waterwasser uit te zetten zolang de dieren nog niet ouder zijn dan 14 dagen:
- opfokhennen en -hanen van legrassen
- (groot-)ouderdieren van vleeskuikens in opfok
- vleeskuikens
- ouderdieren van vleeskalkoenen in opfok tot 6 weken
- vleeskalkoenen
- vleeseenden
Spuiregeling
Het waswater in de wateropvangbak van de waterwasser wordt aangevuld met het waswater uit de biologische wasser. Door de inzet van het gespuide waswater uit de biologische wasser als waswater in de waterwasser wordt de hoeveelheid spuiwater uit het gehele luchtwassysteem met 72 tot 86% gereduceerd. Is de waterwasser een gedeelte van de gebruikstijd niet ingeschakeld? Dan kan dit een lagere reductie opleveren. In de periode dat de waterwasser niet is ingeschakeld, vindt geen reductie van de spuiwaterhoeveelheid plaats.
Reiniging
Het reinigen van het filterpakket gebeurt minimaal 1 keer per jaar.
Onderhoud
Voor het onderhoud van het luchtwassysteem is in overeenstemming met het Bal een werkinstructie opgesteld.
Registratiesysteem
Het meet- en registratiesysteem wordt gebruikt, gecontroleerd en onderhouden zoals is opgenomen in het Bal.
Overige gebruikseisen
Om te voorkomen dat de bacteriepopulatie negatief wordt beïnvloed, wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
- Het luchtwassysteem is altijd in gebruik, ook als er tijdelijk geen dieren in het dierenverblijf zijn.
- Als schoonmaak- of ontsmettingsmiddelen in het dierenverblijf worden gebruikt, wordt de damp hiervan niet via het luchtwassysteem uit het dierenverblijf verwijderd.
Meetrapporten
- Toelatingscertificaat, nummer ASG-2006-202-001, op 25 oktober 2006 afgegeven door ASG, met aanvulling d.d. 14 september 2009.
- Actualisering ammoniak emissiefactoren pluimvee; Advies voor aanpassing van ammoniak emissiefactoren van pluimvee in de Regeling ammoniak en veehouderij (Rav). Wageningen Livestock Research, Rapport 1015.
Afbeelding
Let op: deze afbeelding voldoet niet aan de eisen voor digitale toegankelijkheid. Ervaart u hierdoor problemen? Neem dan contact met ons op voor een passende oplossing.
Zie voor beschrijving van de afbeelding de paragraaf Werkingsprincipe.
Vorige versie
Beschrijving OW 2010.27.V2 vervangt OW 2010.27.V1 van januari 2024.
Inhoudelijke wijzigingen ten opzichte van de vorige versie
- De eis dat het spuien op basis van de pH plaatsvindt is toegevoegd, terwijl de eis dat het spuien op basis van de EC plaatsvindt blijft staan.
- De bandbreedte van de pH van het waswater is nu aangescherpt tot 6,5 – 7,3. Dit was 6,5 – 7,5.
- Voor het gebruik van het luchtwassysteem zijn overige gebruikseisen toegevoegd.
- Deze versie is gepubliceerd op 1 juli 2026 en gaat in werking op 1 oktober 2026.
Besluit activiteiten leefomgeving (Bal)
Het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) is één van de 4 algemene maatregelen van bestuur (AMvB's) onder de Omgevingswet. Het Bal bevat regels van het Rijk over activiteiten in de fysieke leefomgeving.