Toepassingsbereik, melding en informatieplicht graven in bodem (paragraaf 4.119 Bal)
Voor de milieubelastende activiteit 'graven in bodem' gelden inhoudelijke regels uit hoofdstuk 4 van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) Klik hier voor uitleg over dit begrip (opent als uitklapper). Op deze pagina leest u meer over het toepassingsbereik (wat eronder valt) en de meld- en informatieplicht waaraan de initiatiefnemer moet voldoen.
Let op: deze regels gelden alleen als het gaat om een activiteit die valt onder paragraaf 3.2.21 Graven in bodem.
Toepassingsbereik: dit valt eronder
De regels in paragraaf 4.119 gelden voor het graven in bodem als het te ontgraven bodemvolume groter is dan 25 m3. Let op: In het omgevingsplan kunnen regels staan over het graven van een bodemvolume kleiner dan 25 m3. Regels voor kleinschalig graven in een bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit zijn onderdeel van de bruidsschat Klik hier voor uitleg over dit begrip (opent als uitklapper).
Melding voor start activiteit (alleen bij graven > I (interventiewaarde)
Alleen als de bodem met één of meerdere stoffen verontreinigd is boven de interventiewaarde bodemkwaliteit geldt er een meldplicht voorafgaand aan de activiteit. Dit volgt uit artikel 4.1220 van het Bal. Daarbij maakt het niet uit wat de omvang van die verontreiniging boven de interventiewaarden is.
Is de bodem verontreinigd boven de interventiewaarde bodemkwaliteit? Dan is het verboden deze activiteit te starten zonder dit ten minste 4 weken van tevoren te melden via het Omgevingsloket. Wanneer alleen sprake is van tijdelijk uitnemen, geldt een minimale termijn van 1 week voor de start van de activiteit. U kiest bij stap 3 van de aanvraag 'Graven in bodem - Melding (Rijk)'.
De melding bevat 2 soorten gegevens:
- algemene gegevens (zie hiervoor: Meldingsplicht milieuregels Bal)
- specifieke gegevens voor deze activiteit:
- de voorafgaande bodemonderzoeken, zoals bedoeld in paragraaf 5.2.2 van het Bal
- de gegevens over de ontgraving. Hiermee wordt de locatie en de diepte van de ontgraving bedoeld. Dit moet op kaart en een dwarsprofiel aangegeven worden. Als sprake is van opslag op de ontgravingslocatie iets verder van de ontgravingscontour af, geef dan ook de locatie van de opslag op de kaart aan.
- het bodemvolume in kubieke meters waarin de activiteit wordt verricht
- de verwachte hoeveelheid terug te plaatsen grond in kubieke meters
- de verwachte hoeveelheid af te voeren grond per kwaliteitsklasse Klik hier voor uitleg over dit begrip (opent als uitklapper) in kubieke meters
- een aanduiding of er sprake is van het (uitsluitend) tijdelijk uitnemen van grond. Er is dan geen sprake van afvoer van grond.
Wijzigen de aangeleverde gegevens in de melding of de gegevens en bescheiden?Dan moet de initiatiefnemer dit uiterlijk een week voor de start van de activiteit via het Omgevingsloket doorgeven. U kiest dan opnieuw bij stap 3 'Graven in bodem - Melding (Rijk)' en vervolgens bij stap 4 'Het graafwerk verandert en eerder gegeven informatie klopt niet meer'.
Uiteraard kunnen er zich tijdens het graven onverwachte situaties voordoen die dan niet een week voor de start doorgegeven kunnen worden. Als daardoor de al gemelde gegevens gewijzigd zijn of gewijzigd gaan worden, is overleg met het bevoegd gezag noodzakelijk.
Let op: is er sprake van graven in de bodem waarbij (een deel van) de bodem verontreinigd is boven de interventiewaarde? Dan moet de initiatiefnemer zowel een melding doen en geldt ook een informatieplicht. Dit zijn 2 aparte modules in het aanvraaggedeelte van het Omgevingsloket. Het advies is om de melding en het voldoen aan de informatieplicht zo mogelijk gelijktijdig te doen.
Uitzonderingen op de meldplicht
De meldplicht voorafgaand aan de activiteit geldt niet als:
- de bodem niet verontreinigd is boven de interventiewaarde bodemkwaliteit
- het graven nodig is vanwege een spoedreparatie aan vitale infrastructuur. Een spoedreparatie aan vitale infrastructuur is bijvoorbeeld het herstellen van gas- of waterleidingen in geval van lekkages of het herstellen van een kabelbreuk. Bij een dergelijke spoedoperatie is het niet redelijk en ook niet mogelijk om te voldoen aan de aanlevertermijn. In plaats daarvan moet de initiatiefnemer na afloop van de activiteit wel een aantal gegevens en bescheiden verstrekken via het Omgevingsloket. Meer informatie vindt u bij Graven bij spoedreparaties van vitale ondergrondse infrastructuur
Informatieplicht: aanleveren gegevens en bescheiden
Voorafgaand aan de activiteit 'graven in de bodem' moet de initiatiefnemer, onafhankelijk van de kwaliteit van de bodem, voldoen aan een informatieplicht. De gegevens en bescheiden die de initiatiefnemer moet verstrekken staan in artikel 4.1221 en 4.1222 van het Bal. Voor de informatieplicht kiest u in het Omgevingsloket bij stap 3 'Graven in bodem - Informatie (Rijk)'.
De termijn voor de informatieplicht bedraagt 4 weken voorafgaand aan de start van de activiteit. Alleen in de volgende situaties geldt een termijn van 1 week:
- als de bodem niet verontreinigd is boven de interventiewaarde bodemkwaliteit
- als de bodem verontreinigd is boven de interventiewaarde bodemkwaliteit, maar uitsluitend sprake is van tijdelijk uitnemen.
Voorafgaand aan de activiteit verstrekt de initiatiefnemer de volgende gegevens en bescheiden aan het bevoegd gezag Klik hier voor uitleg over dit begrip (opent als uitklapper) via het Omgevingsloket:
- Algemene gegevens (zie hiervoor de pagina Verstrekken gegevens en bescheiden milieuregels Bal)
- Specifieke gegevens voor deze activiteit uit artikel 4.1221 van het Bal:
- begrenzing van de locatie, inclusief het terrein dat u gebruikt om uitgegraven grond tijdelijk neer te leggen
- de verwachte datum van het begin van de activiteit
- de verwachte duur van de activiteit
- de aanleiding en het doel van de activiteit
- aangeven in hoeverre de bodem verontreinigd is kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde bodemkwaliteit of ook tevens boven de interventiewaarde bodemkwaliteit
- Alleen in geval van graven in een bodem met kwaliteit boven de interventiewaarden (en met een kortere termijn van 1 week voorafgaand aan de activiteit) de gegevens uit artikel 4.1222 van het Bal:
- de naam en het adres van degene die de werkzaamheden gaat verrichten (de uitvoerend aannemer)
- de naam het en adres van de persoon en de onderneming die de milieukundige begeleiding (indien van toepassing) gaan verrichten
Als de begrenzing van de locatie of de startdatum wijzigt, dan informeert de initiatiefnemer het bevoegd gezag zo spoedig mogelijk over deze wijziging, via het Omgevingsloket. Dit geldt ook voor wijzigingen in de gegevens van de uitvoerend aannemer en milieukundig begeleider. U kiest dan opnieuw bij stap 3 'Graven in bodem' - Informatie (Rijk)' en vervolgens 'Het graafwerk verandert en eerder gegeven informatie klopt niet meer'.
Uitzonderingen op de informatieplicht
De informatieplicht voorafgaand aan de activiteit geldt niet als:
- de bodem niet verontreinigd is boven de interventiewaarde bodemkwaliteit en er tevens uitsluitend sprake is van het tijdelijk uitnemen van grond. NB: Blijkt tijdens de uitvoering van de activiteit dat alsnog sprake is van afvoer van grond, dan moet de initiatiefnemer het bevoegd gezag hier alsnog over informeren. Als dat niet gebeurt, dan kan het bevoegd gezag handhavend optreden op het niet nakomen van de verplichting om gegevens en bescheiden te verstrekken.
- het graven nodig is vanwege een spoedreparatie aan vitale infrastructuur. Een spoedoperatie aan vitale infrastructuur is bijvoorbeeld het herstellen van gas- of waterleidingen in geval van lekkages of het herstellen van een kabelbreuk. Bij een dergelijke spoedoperatie is het niet redelijk en ook niet mogelijk om te voldoen aan de aanlevertermijn. In plaats daarvan moet de initiatiefnemer na afloop van de activiteit wel een aantal gegevens en bescheiden verstrekken via het Omgevingsloket. Meer informatie vindt u op de pagina Graven bij spoedreparaties van vitale ondergrondse infrastructuur.
Uitzondering spoedreparaties
Het aanleveren van gegevens en bescheiden voorafgaand aan de start van de activiteit geldt niet als het graven nodig is vanwege een spoedreparatie aan vitale infrastructuur. Dat is bijvoorbeeld het repareren van een lekkende gas- of waterleiding of het herstellen van een kabelbreuk. Bij een dergelijke spoedreparatie is het niet redelijk en ook niet mogelijk om te voldoen aan de aanlevertermijn. In plaats daarvan moet de initiatiefnemer na afloop van de activiteit via het Omgevingsloket wel een aantal gegevens en bescheiden verstrekken. Meer informatie vindt u op de pagina Graven bij spoedreparaties van vitale ondergrondse infrastructuur.
Informatieplicht: aanleveren gegevens en bescheiden na afloop activiteit (alleen bij graven > I)
Na het beëindigen van het graven in bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit verstrekt de initiatiefnemer enkele gegevens en bescheiden aan het bevoegd gezag via het Omgevingsloket. Die gegevens staan in artikel 4.1230 van het Bal. U kiest daarvoor bij stap 3 'Graven in bodem - Informatie (Rijk)' en vervolgens bij stap 4 'Het graafwerk is klaar'.
Uiterlijk een week na beëindiging van de activiteit moet de initiatiefnemer de volgende gegevens en bescheiden via het Omgevingsloket aanleveren:
- de einddatum van de activiteit.
Als de activiteit milieukundig is begeleid moet de initiatiefnemer uiterlijk 4 weken na beëindiging van de activiteit de volgende gegevens en bescheiden via het Omgevingsloket aanleveren:
- de resultaten van de milieukundige begeleiding (onderdeel processturing) in de vorm van een evaluatieverslag volgens de BRL SIKB 6000, waarbij ten minste het volgende wordt vermeld:
- een aanduiding van de ontgraving op kaart en op een dwarsprofiel
- bestemming van de afgevoerde grond
- bijzondere omstandigheden die zich tijdens het graven in de bodem hebben voorgedaan.
Stroomschema graven in de bodem
Bekijk een overzicht van regels en verplichtingen voor diverse situaties binnen de activiteit graven in de bodem.
Inhoudelijke regels
Naast de meld- en informatieplicht gelden er bepaalde regels over zorgvuldig graven, tijdelijke opslag en kwaliteitsborging. Deze vindt u op Inhoudelijke regels graven in bodem.
Beoordeling en toezicht en handhaving door bevoegd gezag
Bij het uitvoeren van de activiteit graven in bodem onder algemene regels is geen goedkeuring vooraf of achteraf door het bevoegd gezag nodig. Ook niet als een meld- of informatieplicht geldt. Degene die de activiteit uitvoert heeft zelf de verantwoordelijkheid om de activiteit uit te voeren volgens het Bal, het omgevingsplan en/of een maatwerkvoorschrift.
Beoordeling van de melding
Een beoordeling van de melding voorafgaand aan de activiteit is, net zoals bij een melding onder het voormalige Besluit uniforme saneringen, niet verplicht. Het bevoegd gezag kan zelf een afweging maken bij welke situaties en op welke wijze een controle wordt uitgevoerd op de inhoud van een melding. Constateert het bevoegd gezag dat de activiteit niet volgens de melding, het Bal, het omgevingsplan of een maatwerkvoorschrift is uitgevoerd? Dan kan het bevoegd gezag handhavend optreden. Mocht een gemeente naar aanleiding van een melding wel een maatwerkvoorschrift willen opleggen, dan moet het bevoegd gezag wel tijdig (en in ieder geval voor de start van de activiteit) reageren.
Voor de gegevens en bescheiden die na afloop van de activiteit worden verstrekt (waaronder het evaluatieverslag), geldt voor het bevoegd gezag eveneens geen verplichting om deze te beoordelen of te controleren. Ook hiervoor geldt dat het bevoegd gezag zelf een afweging maakt bij welke situaties en hoe een controle wordt uitgevoerd.
Als het bevoegd gezag constateert dat het graven niet volgens de melding, het Bal, het omgevingsplan of een maatwerkvoorschrift is uitgevoerd, kan het bevoegd gezag handhavend optreden. Daarnaast kan het bevoegd gezag deze informatie registreren in het bodeminformatiesysteem, zodat deze opvraagbaar is als in de toekomst op de dezelfde locatie nieuwe activiteiten plaatsvinden waarbij de kwaliteit van de bodem van belang is.
Besluit activiteiten leefomgeving (Bal)
Het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) is één van de 4 algemene maatregelen van bestuur (AMvB's) onder de Omgevingswet. Het Bal bevat regels van het Rijk over activiteiten in de fysieke leefomgeving.
Bruidsschat omgevingsplan
De 'bruidsschat omgevingsplan' bestaat uit regels die door het Rijk als onderdeel van het Invoeringsbesluit Omgevingswet automatisch zijn toegevoegd aan het tijdelijk deel van het omgevingsplan van alle gemeenten. Tijdens de overgangsfase (tot eind 2031) gelden de regels van de bruidsschat, zolang de gemeente nog geen eigen regels heeft gesteld. De gemeente kan de regels van de bruidsschat omgevingsplan wijzigen. De actuele regels van het omgevingsplan raadpleegt u in het onderdeel 'Regels op de kaart' van het Omgevingsloket.
Kwaliteitsklasse
Klasse waarin grond, baggerspecie, landbodem of waterbodem volgens artikel 25d van het Besluit bodemkwaliteit ingedeeld kan worden op basis van milieuhygiënische kwaliteitseisen. De kwaliteitsklassen komen bij diverse milieubelastende activiteiten uit het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) voor, waaronder bij het toepassen van grond of baggerspecie.
De kwaliteitseisen die de bovengrens vormen voor een kwaliteitsklasse staan in bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit 2022. Zie de pagina Kwaliteits- en bodemfunctieklassen bij activiteiten op of in de bodem.
Bevoegd gezag
Het bevoegd gezag kan zowel het Rijk, een provincie, een waterschap als een gemeente zijn. Onder de Omgevingswet heeft ieder instrument een bevoegd gezag. Het bevoegd gezag dat het instrument inzet, is ook het bevoegd gezag voor vergunningverlening, toezicht en handhaving, meldingen en het toestaan van afwijken van algemene regels.
Lees hier verder over bevoegd gezag.