Deze pagina gaat over het bepalen van het geluid door een lokale (spoor)weg bij:
- het toelaten van een aanleg of aanpassing van een lokale (spoor)weg door vaststellen van een omgevingsplan of omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) (paragraaf 5.1.4.2a.3 Bkl)
- het geven van toestemming voor de aanleg of aanpassing van een lokale (spoor)weg met een omgevingsvergunning binnenplanse omgevingsplanactiviteit (OPA)
- het toelaten van een geluidgevoelig gebouw in het geluidaandachtsgebied van een lokale (spoor)weg (paragraaf 5.1.4.2a.4 Bkl).
Geluid door een lokale (spoor)weg
Het geluid door een lokale (spoor)weg is het geluid door alle lokale (spoor)wegen van deze geluidbronsoort binnen het toepassingsbereik. Bijvoorbeeld het geluid door alle gemeentelijke wegen. Dit geldt ook bij toelaten van de aanleg of aanpassing van een lokale (spoor)weg. Dit volgt uit artikel 5.78a lid 2 in samenhang met artikel 5.78 en bijlage I van het Bkl.
Het bevoegd gezag bepaalt het geluid in een maatgevend jaar voor het verkeer op die (spoor)weg.
Als een lokale spoorweg grotendeels is verweven of gebundeld met een gemeenteweg, kan het geluid door die gemeenteweg en die spoorweg gezamenlijk worden beschouwd (artikel 5.78m lid 3 en artikel 5.78n lid 3 Bkl). In dat geval is ook de basisgeluidemissie gebaseerd op het geluid door die gemeenteweg en die lokale spoorweg samen (artikel 3.27 lid 2 Bkl).
Bepalen geluidaandachtsgebied
Het geluidaandachtsgebied Klik hier voor uitleg over dit begrip (opent in popup) langs een lokale (spoor)weg wordt begrensd door vaste afstanden. De afstanden staan in artikel 17.5 van de Or. Dit geldt tot een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.
Bepalen geluid op een geluidgevoelig gebouw
Het bevoegd gezag bepaalt het geluid op een geluidgevoelig gebouw als volgt:
- het geluid door een lokale weg volgens bijlage IVe (artikel 3.8, lid 1, onder a Omgevingsregeling)
- het geluid door een lokale spoorweg volgens bijlage IVf (artikel 3.8, lid 1, onder b Omgevingsregeling).
De waarden worden afgerond op hele getallen, een halve eenheid op het dichtstbijzijnde even getal (artikel 3.4 Omgevingsregeling).
Er kunnen indirecte effecten zijn als het geluid door een weg toeneemt met 1,5 dB op geluidgevoelige gebouwen. In dat geval vergelijkt het bevoegd gezag de situatie in een maatgevend jaar voor het verkeer op die weg na de wijziging met de situatie in datzelfde jaar zonder die wijziging (artikel 5.78af Bkl). De waarde van dit verschil wordt niet afgerond (artikel 3.8, lid 2 Omgevingsregeling).
Zie ook pagina Bepalen geluid en geluidgevoelig gebouw.