Ga naar de inhoud
Direct naar
  • Contact
  • Stel uw vraag
Informatiepunt Leefomgeving (naar homepage)
Zoeken in deze site
  1. Home ›
  2. Thema's ›
  3. Praktijksituaties - Toepassing regels in de praktijk ›
  4. Woning(en) ›
  5. Ruimtelijke inpassing ›
  6. Woningbouwprojecten en mer(-beoordeling)
  • Home
  • Actueel
  • Regelgeving
  • Thema's
  • Digitaal stelsel
  • Contact
  • Contact
  • Stel uw vraag

Woningbouwprojecten en mer(-beoordeling)

Een woningbouwproject kan op verschillende manieren ruimtelijk mogelijk worden gemaakt. Bijvoorbeeld met een wijziging omgevingsplan, omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) of omgevingsvergunning voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit (OPA). Afhankelijk van het type besluit kan er sprake zijn van een project-mer(-beoordeling) of een plan-mer(-beoordeling).

Stedelijk ontwikkelingsproject

Eén van de meest voorkomende mer-categorieën is categorie J11 stedelijk ontwikkelingsproject (Bijlage V, Omgevingsbesluit). Deze categorie heeft betrekking op de bouw van woningen, parkeerterreinen, bioscopen, theaters, sportcentra, kantoorgebouwen en dergelijke of een combinatie daarvan.

Of een woningbouwproject onder de categorie stedelijke ontwikkelingsproject valt, hangt af van de concrete omstandigheden van het geval. Daarbij spelen onder meer aspecten als de aard en de omvang van de voorziene wijziging van de stedelijke ontwikkeling een rol. Voor het antwoord op de vraag of sprake is van een stedelijk ontwikkelingsproject als bedoeld in categorie J11 is niet van belang of er per saldo aanzienlijke negatieve gevolgen voor het milieu kunnen ontstaan. De karakteristieken van het project zelf bepalen of het onder deze categorie valt. Ook als een woningbouwproject niet onder de categorie J11 valt, kunnen er verplichtingen gelden ten aanzien van de plan-mer(-beoordeling).

Plan-mer-(beoordelings)plicht omgevingsplan

Een omgevingsplan is plan-mer-(beoordelings)plichtig als het een kader vormt voor besluiten voor mer-(beoordelings)plichtige projecten. Het begrip kaderstelling kan lastig te interpreteren zijn. Er is in ieder geval sprake van 'een kader vormen' als in het plan een locatie- of tracékeuze staat. Een 'kader' moet concreet genoeg zijn en in zekere mate bindend voor een later te nemen besluit.

Meer informatie staat op de webpagina Plannen en programma's en de milieueffectrapportage.

Voor stedelijke ontwikkelingsprojecten is het in veel gevallen mogelijk om met een plan-mer beoordeling te werken. Dit is mogelijk als het gaat om kleine gebieden op lokaal niveau of kleine wijzigingen van het kaderstellende plan of -programma. Daarbij mag het plan geen andere projecten uit bijlage V van het Omgevingsbesluit mogelijk maken die op of boven de drempels in kolom 2 van Bijlage V Omgevingsbesluit uitkomen. Is dat wel het geval? Dan geldt een plan-mer-plicht.

Ook als het omgevingsplan alleen een kader is voor projecten die niet in bijlage V van het Omgevingsbesluit staan, kan het omgevingsplan plan-mer-beoordelingsplichtig zijn. Bijvoorbeeld bij woningbouw die geen stedelijk ontwikkelingsproject is, zoals een enkele woning. Als daarvoor een binnenplanse OPA is voorgeschreven, geldt namelijk een plan-mer-beoordelingsplicht voor het omgevingsplan.

Zie voor meer informatie ook het beslisschema plan-mer.

Project-mer-(beoordelings)plicht omgevingsplan

Een besluit (zoals een BOPA, OPA of omgevingsplanwijziging) kan ook geheel of gedeeltelijk direct een woningbouwproject mogelijk maken. Dan kan project-mer(beoordelingsplicht) aan de orde zijn.

Dit volgt uit Bijlage V en artikel 11.8 lid 3 van het Omgevingsbesluit. De project-mer-beoordelingsplicht geldt voor de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject (bijlage V, onderdeel J11 Omgevingsbesluit). Bij de ruimtelijke inpassing van woningen moet er dus een mer-beoordeling plaatsvinden als de woningen onderdeel zijn van een stedelijk ontwikkelingsproject. Wanneer de bouw van woningen gecombineerd wordt met andere zaken, zoals de ontwikkeling van een jachthaven of een vakantiedorp, kan het project ook om andere redenen project-mer-(beoordelings)plichtig zijn.

Omgevingsplan zowel plan als project

Bij een wijziging van een omgevingsplan kan het plan zowel kaderstellende regels bevatten als directe projecttoestemming geven. Daarnaast kan er ook een passende beoordeling benodigd zijn. In sommige gevallen kan daarbij zowel een plan-mer(-beoordeling) als een project-mer(-beoordeling) nodig zijn. Hieronder leggen we drie situaties uit.

Situatie A: één project met zowel kaders als directe toestemming

In deze situatie stelt de wijziging van het omgevingsplan kaders voor een project, bijvoorbeeld woningbouw, en maakt zij tegelijkertijd (delen van) dit project (bij recht) direct uitvoerbaar. Als het een stedelijk ontwikkelingsproject betreft, is de wijziging van het omgevingsplan project-mer-(beoordelings)plichtig voor het gehele project. Alle informatie over de gehele planontwikkeling moet in deze project-mer(-beoordeling) aanwezig zijn. Voor een latere omgevingsvergunning voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit (OPA) geldt in dat geval geen project-mer-(beoordelings)plicht meer.

Deze lijn volgt uit jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, onder andere in de uitspraken van 28 mei 2008 (ECLI:NL:RVS:2008:BD2641) en 29 mei 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:1763). Wel zal bij het verlenen van de latere vergunning moeten worden bezien of het mer nog actueel is (dit speelt uiteraard alleen als er al veel tijd is verstreken). Dit volgt uit artikel 8 bis lid 6 mer-richtlijn.

Situatie B: meerdere projecten met zowel kaders als directe toepassing

In deze situatie stelt de wijziging van het omgevingsplan kaders voor een project, bijvoorbeeld woningbouw, en maakt het tegelijkertijd een ander mer-(beoordelings)plichtig project dat geen financiële, organisatorische of ruimtelijke samenhang heeft met het eerste project direct mogelijk. In zo’n geval moet voor het kaderstellende deel een plan-mer(beoordeling) worden uitgevoerd. En voor het project dat direct mogelijk wordt gemaakt een project-mer(beoordeling). Als het gewenst is mag de plan-mer(-beoordeling) gecombineerd worden met de project-mer(-beoordeling) in één document.

Situatie C: passende beoordeling

De gemeente moet een plan-milieueffectrapport (plan-MER) maken als er voor de wijziging van het omgevingsplan een passende beoordeling in het kader van natuurbescherming vereist is. Dit is het geval als niet uitgesloten is dat het woningbouwproject een significant negatief effect heeft op een Natura 2000-gebied.

Hierop geldt een uitzondering. Artikel 16.36 leden 3 en 4 van de Omgevingswet bieden de mogelijkheid van een plan-mer-beoordeling. Ook als een passende beoordeling nodig is. Dit is mogelijk als het gaat om kleine gebieden op lokaal niveau (gemeente) of kleine wijzigingen.

Als uit de passende beoordeling blijkt dat er geen significant negatieve gevolgen kunnen zijn voor het Natura 2000-gebied, en er ook anderszins geen aanzienlijke gevolgen voor het milieu kunnen zijn, is een plan-MER niet verplicht. Als het plan ook (deels) de vergunning is voor een mer(-beoordelings)plichtig project geldt op grond daarvan een project-mer(beoordelings)plicht naast de plan-mer (-beoordeling).

Het doel van een mer(-beoordeling) is om het milieubelang een volwaardige plaats te geven in de besluitvorming. Het gaat dan om besluitvorming over plannen en projecten die duidelijke milieueffecten kunnen hebben. Milieu is in het kader van ‘mer’ een breed begrip. Het gaat onder andere om geluid, externe veiligheid, water, bodem, lucht, mobiliteit, natuur, gezondheid en cultureel erfgoed. Meer informatie vindt u op de pagina Milieueffectrapportage.



delen

  • Delen op LinkedIn

pdf maken

  • pdf maken

Vraag het onze experts!

Heeft u beroepsmatig te maken met regelgeving over de leefomgeving, de Omgevingswet of het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO)? Hierover kunt u vragen stellen aan onze helpdesk. Wilt u als inwoner meer weten over deze onderwerpen? Neem dan contact op met uw gemeente.

Stel uw vraag

IPLO geeft uitleg, deelt kennis en ondersteunt ministeries

Het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) is het kenniscentrum van de overheid voor de fysieke leefomgeving. Wij ondersteunen professionals van overheden, omgevingsdiensten en brancheorganisaties met betrouwbare informatie over de wetten en regels van de leefomgeving, het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) en het Omgevingsloket. Meer informatie vindt u op onze pagina Over IPLO.

Service

  • Over IPLO
  • Abonneren
  • Contact
  • Archief
  • IPLO op LinkedIn

Over deze site

  • Verantwoording
  • Toegankelijkheid
  • Privacyverklaring
  • Cookies
  • Kwetsbaarheid melden
Rijksoverheid
UvW - Unie van Waterschappen
VNG - Vereniging van Nederlandse Gemeenten
Interprovinciaal overleg - IPO