Op deze pagina
Wat u moet weten over deze lozingsvoorschriften:
Hoe het afvalwater bij deze activiteit ontstaat
Het afvalwater bij deze activiteit ontstaat bijvoorbeeld tijdens gevelreiniging van bouwwerken waarbij hardnekkige aanslag wordt verwijderd. Het verwijderen van graffiti en oude verflagen valt daar ook onder. En ook bij het bouwen, renoveren of slopen van bouwwerken kan afvalwater ontstaan. Verder ontstaat er ook afvalwater bij periodieke reinigingswerkzaamheden waarbij alleen vuil wordt verwijderd, zoals het wassen van ramen en gladde gevels.
Wanneer de regels van toepassing zijn
In het Besluit activiteiten leefomgeving Klik hier voor uitleg over dit begrip (opent in popup) (Bal) staan geen regels voor het lozen van afvalwater bij het reinigen, conserveren, bouwen, renoveren of slopen van bouwwerken. Die staan in het omgevingsplan en in de waterschapsverordening. Welke regel geldt, hangt af van de lozingsroute(s). Lozingen op de bodem of in de riolering zijn geregeld in het omgevingsplan, lozingen op oppervlaktewater zijn geregeld in de waterschapsverordening.
Omgevingsplan
Totdat de gemeente in het omgevingsplan zelf lozingsregels heeft opgesteld, gelden de regels van de bruidsschat omgevingsplan Klik hier voor uitleg over dit begrip (opent in popup). De regels voor lozen bij onderhoudswerkzaamheden aan bouwwerken staan in paragraaf 22.3.8.5.
Daar staat dat afvalwater afkomstig van reinigingswerkzaamheden, conserveringswerkzaamheden of andere onderhoudswerkzaamheden aan bouwwerken niet in een voorziening voor de inzameling en het transport van afvalwater of op of in de bodem wordt geloosd. Er geldt dus een lozingsverbod voor lozen in de riolering en lozen op de bodem. Het gaat hierbij bijvoorbeeld over het verwijderen van jarenlange hardnekkige aanslag op gevels en het verwijderen van graffiti of andere verflagen.
Er is een uitzondering voor afvalwater dat afkomstig is van reinigingswerkzaamheden die periodiek worden uitgevoerd en waarbij alleen vuilafzetting wordt verwijderd. Bijvoorbeeld ramen lappen, maar ook bij het schoonmaken van gladde gevels is vaak alleen sprake van het verwijderen van vuilafzetting. Dit afvalwater kan zonder problemen in de bodem of de riolering worden geloosd. Hiervoor geldt ook geen informatieplicht.
Waterschapsverordening
Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet gelden ook de regels van de bruidsschat waterschapsverordening Klik hier voor uitleg over dit begrip (opent in popup). Deze regels staan van rechtswege al gelijk in het nieuwe gedeelte van de waterschapsverordening en blijven gelden totdat het waterschap deze wijzigt. De regels voor lozen bij reinigen, conserveren, bouwen, renoveren of slopen van bouwwerken staan in afdeling 2.6.
Daar staat dat afvalwater afkomstig van het reinigen of conserveren van bouwwerken niet wordt geloosd op een oppervlaktewaterlichaam. Er zijn 2 uitzonderingen:
- afvalwater afkomstig van het afwassen met water
- afvalwater afkomstig van het schoonspuiten met water onder een druk van ten hoogste 200 bar.
Verder gelden er werkinstructies. Als in de buurt van oppervlaktewater bouwwerken worden gesloopt, gerenoveerd of gebouwd, is het bijna onmogelijk dat er niets in het water valt. Dit geldt ook voor onderhoudswerkzaamheden. Voor deze werkzaamheden moet een werkinstructie worden opgesteld (artikel 2.24 en artikel 2.25 van de bruidsschat waterschapsverordening).
In de werkinstructie staat in ieder geval:
- welke technieken worden toegepast bij het reinigen, conserveren, bouwen, renoveren of slopen van bouwwerken
- welke stoffen worden gebruikt
- welke stoffen kunnen vrijkomen
- welke maatregelen worden getroffen, om te voorkomen dat stoffen die worden gebruikt of vrijkomen, in het oppervlaktewaterlichaam belanden
Zoals werken met een gesloten hulpconstructie, waardoor luchtafzuiging nodig is.
Bij gebruik van een hulpconstructie staat ook in de werkinstructie:
- hoe de vloer, de zijwanden en de bovenzijde van de hulpconstructie zijn uitgevoerd
- wat de omvang is van het bouwwerk en van de hulpconstructie
- of de constructie een afzuiging met permanente onderdruk heeft
- hoe afvalwater wordt opgevangen als natte technieken worden gebruikt
- wat de aanvullende maatregelen zijn als wordt gewerkt bij een windsnelheid van meer dan 8 m/s
Bij het afzuigen van lucht vanuit een hulpconstructie, geldt een emissiegrenswaarde voor stof van 10 mg/Nm3. Dit wordt eenmalig gemeten. Dit staat in artikel 2.26 van de bruidsschat waterschapsverordening. Deze luchtemissienorm moet voorkomen dat stof alsnog in het oppervlaktewater terechtkomt.
Bruidsschat aanpassen
Gemeenten en waterschappen kunnen de bruidsschatregels omzetten naar regels die beter passen bij de lokale situatie. Bij deze omzetting moeten gemeente én waterschap wel rekening houden met de taken en bevoegdheden van het andere bestuursorgaan. Men moet met elkaar rekening houden vanwege de samenhang van de instrumenten.
U kunt de actuele regels van het omgevingsplan en van de waterschapsverordening vinden in het onderdeel Regels op de kaart (verwijst naar een andere website) van het Omgevingsloket. U vindt daar ook een instructie over het gebruik van Regels op de kaart.
Let op: er gelden ook andere voorschriften
Als het gaat om Lozingsvoorschriften verwijderen graffiti (paragraaf 4.45 Bal), dan gelden die regels alleen als er sprake is van een Onderhoudswerkplaats voor autobus, trein, tram of metro of Spoorwegemplacementen.