Stappenschema: effecten van een plan of programma in het buitenland
Als een plan of programma aanzienlijke milieueffecten kan hebben in een of meerdere landen, moet het bevoegd gezag in Nederland dat land hierover informeren. De wettelijke grondslag staat in de Omgevingswet artikel 16.53b en in het Omgevingsbesluit artikelen 11.22 tot en met 11.25. De verplichtingen komen voort uit het SEA Protocol bij het Verdrag van Espoo.
Het bevoegd gezag doorloopt onderstaand stappenschema om te weten te komen wat het wanneer moet doen. Of lees meer over Grensoverschrijdende milieueffecten.
Bepaal of het plan of programma mogelijk aanzienlijke milieueffecten heeft in een ander land.
Raadpleeg het afsprakenkader bij mogelijke aanzienlijke grensoverschrijdende milieueffecten in Vlaanderen. Op deze manier voldoet u aan de wet- en regelgeving en houdt u zich aan de bilaterale afspraken met Vlaanderen.
Volg het stappenschema bij mogelijke aanzienlijke grensoverschrijdende effecten in Duitsland. Op deze manier voldoet u aan de wet- en regelgeving en houdt u zich aan de bilaterale afspraken met Duitsland.
Doorloop de stappen in het onderstaande schema.
Informeer de landen waar mogelijk aanzienlijke grensoverschrijdende milieueffecten zijn hier zo snel mogelijk over. Doe dit in ieder geval uiterlijk op het moment dat het Nederlandse publiek over het plan of programma geïnformeerd wordt. Vaak is dit als de NRD ter inzage wordt gelegd. Soms al bij de kennisgeving participatie omgevingsplan of de kennisgeving voornemen en participatie (VenP) uit de projectprocedure.
Wat staat er in een kennisgeving?
Een kennisgeving moet voldoende informatie bevatten. Zo kan de buitenlandse overheidsinstantie het initiatief beoordelen en beslissen of zij wil meedoen aan de Espoo ‑procedure). De notificatie bevat ten minste:
- Beschrijving van de voorgestelde activiteit
- Locatie en tijdschema van de activiteit
- Beschrijving van de verwachte milieueffecten, inclusief mogelijke grensoverschrijdende effecten
- Indien beschikbaar: voorgestelde mitigerende maatregelen om effecten te voorkomen of te beperken
- Informatie over de MER-procedure (tijdschema, besluitvorming, mogelijkheden tot inspraak)
- Verzoek aan de buitenlandse overheidsinstantie om te reageren, inclusief een deadline
Stuur de informatie over uw plan/programma naar het Nederlandse Espoo contactpunt (point-notification.espoo@rws.nl). Zij zullen controleren of de informatie compleet is en vervolgens namens u de kennisgeving naar buitenlandse Espoo contactpunten sturen.
Het andere land moet bij de kennisgeving laten weten of zij overleg wenst. Zo ja, dan moet het Nederlandse bevoegd gezag in overleg met die instanties over de mogelijk aanzienlijke grensoverschrijdende milieueffecten en de eventueel voorgenomen maatregelen.
- Stuur het MER en het ontwerp-plan of -programma naar het Nederlandse contactpunt (point-notification.espoo@rws.nl). Zij zullen vervolgens namens u de informatie naar buitenlandse Espoo contactpunten sturen.
- Het betrokken publiek en bevoegde instanties in het andere land mogen ook zienswijzen indienen.
Stuur het volgende mee:
- Informatie over de mogelijke grensoverschrijdende milieueffecten
- Een vertaling van de samenvatting van het MER in de taal van het andere land
- Informatie over de totstandkomingsprocedure van het plan of programma
- Een reactietermijn voor zienswijzen (deze worden rechtstreeks bij het Nederlandse bevoegd gezag ingediend)
Stuur het vastgestelde plan of programma naar:
- Espoo contactpunten in Nederland en de betrokken landen
- Instanties en burgers in het andere land die zienswijzen hebben ingediend
Neem in het plan of programma op hoe is omgegaan met de resultaten van het MER en de internationale inspraak.
Informeer het andere land over de daadwerkelijke milieugevolgen van het plan of programma. Indien nodig stelt de overheid in het andere land de benodigde informatie voor de evaluatie (monitoring) ter beschikking. Heeft u uw plan/programma gemonitord en geëvalueerd? Dan kunt u de informatie naar het Nederlandse Espoo contactpunt sturen ter verspreiding naar de betrokken landen.