Regen goed begin voor herstel, maar droogtemaatregelen blijven nodig
Rijkswaterstaat en de waterschappen hebben er deze zomer reikhalzend naar uitgekeken: eindelijk regent het. De neerslag is een eerste stap in het herstel, maar nog lang niet voldoende om de droogteproblemen op te lossen. Daarom worden de droogtemaatregelen voorlopig nog niet afgeschaald. Lokaal hebben waterschappen vorige week zelfs extra onttrekkingsverboden ingesteld.
Wisselvallig weer
Na een lange periode van droogte hebben we nu te maken met normale temperaturen en wisselvallig weer. Dat geldt niet alleen voor Nederland, maar ook voor de rest van de stroomgebieden van de Rijn en de Maas. Dit veranderende weertype leidt niet direct tot hogere waterstanden en rivierafvoeren, maar het vormt wel een mooi begin. Het landelijke gemiddelde neerslagtekort ligt met ongeveer 300 mm op hetzelfde niveau als in 2018.
De afvoer van de Rijn is historisch laag. Ook de Maas voert weinig water af. Door het watergebruik en de beperkte aanvoer zijn de waterstanden in het IJsselmeergebied gedaald tot ongeveer 30 centimeter onder NAP. De grondwaterstanden hebben het laagste niveau van de afgelopen 5 tot 10 jaar bereikt. Over de grens zien we hetzelfde beeld: veel stuwmeren in Zwitserland staan op het laagste niveau ooit gemeten voor deze tijd van het jaar. Deze omstandigheden hebben grote gevolgen voor onder meer de (internationale) beroepsvaart, de landbouw en de natuur.
Verwachting waterstanden
De komende weken valt naar verwachting regelmatig neerslag, zowel in Nederland als in de stroomgebieden van de grote rivieren. De afvoeren van de Rijn en Maas nemen hierdoor toe. Het peil van het IJsselmeer en Markermeer blijft vermoedelijk stabiel.
Op de langere termijn wordt regelmatig neerslag verwacht. Voor herstel van watersystemen, rivierafvoeren en grondwaterstanden is langdurig meer neerslag dan gemiddeld nodig in de stroomgebieden. Zelfs als het huidige natte weertype aanhoudt, blijven de rivierafvoeren en waterstanden nog lange tijd laag. De lage rivierafvoeren kunnen tot in december aanhouden. Voor herstel van de grondwaterstanden zijn een natte herfst en winter nodig. Er is nog altijd weinig zoetwater beschikbaar voor bijvoorbeeld peilhandhaving en verziltingsbestrijding. Waterbeheerders hebben onderling nauw contact om het beschikbare water zo gericht mogelijk in te zetten in gebieden waar de behoefte het grootst is.
Effecten van de droogte
De langdurige droogte heeft in het hele land merkbare gevolgen voor scheepvaart, natuur en landbouw. Dit geldt vooral voor de gebieden waar geen wateraanvoer mogelijk is, zoals Zeeland en de hoger gelegen delen van Nederland (denk aan de Veluwe, Limburg, Brabant en de Achterhoek). Ook in West-Nederland zijn de gevolgen aanzienlijk. De waterkwaliteit staat al langere tijd onder druk. Op grote schaal komt blauwalg voor en zijn negatieve zwemadviezen voor natuurwater afgegeven.
Droogtemaatregelen blijven van kracht
Ondanks de regen worden de droogtemaatregelen voorlopig nog niet afgeschaald. Zo zijn lokaal nog extra onttrekkingsverboden nodig om voldoende water beschikbaar te houden voor de natuur en de waterveiligheid.
Pas als er geen landelijk watertekort meer is en watervraag en -aanbod weer in evenwicht zijn, kan op nationaal niveau worden afgeschaald. Daarvoor bestaat geen vast of vooraf bepaald omslagpunt. De afvoer van de rivieren is daarbij belangrijk, maar ook andere factoren spelen een rol. Denk bijvoorbeeld aan de weersverwachting, neerslag in de stroomgebieden, de watervraag en verdamping, die beide aan het einde van het groeiseizoen afnemen, en aan temperatuur, verzilting, wind en de algemene waterbeschikbaarheid. Bovendien kunnen de omstandigheden per regio sterk verschillen.
De beslissing om af te schalen is daarom altijd gebaseerd op een integrale afweging van al deze factoren. Daarbij kijken betrokken partijen voortdurend naar zowel de actuele situatie als de verwachtingen voor de komende periode. Het Managementteam Watertekorten blijft voorlopig wekelijks bijeenkomen.
Meer informatie
Bron: Unie van Waterschappen