Zoeken in deze site

Let op: De informatie over regelgeving geldt na inwerkingtreding van de Omgevingswet.

Begrip: Leefomgeving

Er bestaat geen duidelijke begrenzing van de leefomgeving. De Omgevingswet noemt fysieke leefomgeving (artikel 1.2, lid 1). Deze bestaat in ieder geval uit:

  1. bouwwerken
  2. infrastructuur
  3. watersystemen
  4. water
  5. bodem
  6. lucht
  7. landschappen
  8. natuur
  9. cultureel erfgoed
  10. werelderfgoed

Lees meer over fysieke leefomgeving.

Begrip: Beleidscyclus

De beleidscyclus van de Omgevingswet biedt een structuur om de instrumenten van de Omgevingswet te ordenen. De cyclus bestaat uit 4 fasen: beleidsontwikkeling, beleidsdoorwerking, uitvoering en terugkoppeling.

Lees meer over de beleidscyclus.

Begrip: Decentraal, tenzij

Decentraal, tenzij betekent dat het laagste niveau de meeste taken en bevoegdheden rond de fysieke leefomgeving krijgt. De gemeenten staan aan de basis voor de algemene zorg voor de fysieke leefomgeving. De waterschappen hebben de functionele zorg voor het waterbeheer.

Lees meer over het begrip decentraal, tenzij.