Basisorganisatie Versterking Kennisinfrastructuur Bodem en Ondergrond
De basisorganisatie Versterking Kennisinfrastructuur Bodem en Ondergrond heeft als doel een verbindende structuur te bieden voor kennisontwikkeling en -deling over bodem en ondergrond, nationaal en regionaal. Achterliggend doel is dat kennis over bodem en ondergrond beter wordt meegewogen in besluiten en uitvoering. In elke provincie komt een regionale kennisfunctie.
Toegankelijk kennisaanbod
Zowel de Versterkte Kennisinfrastructuur als Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) dragen bij aan een beter functionerende fysieke leefomgeving door overheden te ondersteunen met een betrouwbaar, actueel en toegankelijk kennisaanbod. Zij verbinden vraag en aanbod van kennis, versterken samenwerking tussen betrokken partijen en zorgen ervoor dat professionals de juiste informatie kunnen vinden en toepassen om weloverwogen besluiten te nemen in de uitvoering en ontwikkeling van beleid.
De Versterkte Kennisinfrastructuur Bodem en Ondergrond is een interbestuurlijke structuur die actief kennisvragen ophaalt, programmeert en organiseert. Aanvullend daarop is de IPLO- kennisinfrastructuur een centraal punt dat bestaande kennis bundelt en toegankelijk maakt, zonder eigen programmerende of sturende rol.
Akkoord op Versterking kennisinfrastructuur
Op 7 oktober 2025 heeft het Directeurenoverleg Bodem (DO Bodem) de afspraken vastgesteld voor het programma Versterking Kennisinfrastructuur Bodem en Ondergrond. Het DO Bodem is een samenwerking van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW), het Interprovinciaal Overleg (IPO), de Unie van Waterschappen (UvW) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). De Tweede Kamer is in december 2025 geïnformeerd over deze afspraken via de Verzamelbrief bodem en ondergrond december 2025 .
Planning opzet regionale en landelijke kennisfunctie
In elke provincie komt een regionale kennisfunctie. Landelijk wordt de kennis afgestemd via een advies- en programmeertafel, waar alle landelijke én regionale kennisvragen bij elkaar komen. Daarnaast kijkt de organisatie hoe ze kennis makkelijker vindbaar kunnen maken en de ervaringen beter kunnen delen. Daarom worden de verbindingen met bestaande landelijke digitale platforms onderzocht en duidelijk in kaart gebracht. Ook wordt de navigatie daarop zo logisch mogelijk ingericht. Voor al deze werkzaamheden wordt een basisorganisatie opgezet, die de tafels ondersteunt en verantwoordelijk is voor het opzetten van de projecten om kennis verder te ontwikkelen en actief te verspreiden.
Doel versterking kennisinfrastructuur: door de bomen het bos zien
De versterkte Kennisinfrastructuur Bodem en Ondergrond heeft als doel een flexibele, betrouwbare en verbindende structuur te bieden voor kennisontwikkeling en -deling op het gebied van bodem en ondergrond, de versterking van nationale kennisfuncties, regionale kennisfuncties en de verbinding daartussen. Achterliggend doel is dat kennis over bodem en ondergrond beter wordt meegewogen in besluiten en uitvoering binnen de fysieke leefomgeving. Dit gebeurt door versterking van de kennisinfrastructuur en door het uitzetten van concrete projecten voor kennisontwikkeling en aandacht voor kennisdeling.
Werkzaamheden van de basisorganisatie
Het DO Bodem heeft na de kwartiermakersfase in 2025 besloten om de uitwerking, het vervullen van de basisorganisatie rol, van de versterking van de kennisinfrastructuur en kennisprogrammering onder te brengen bij Rijkswaterstaat. Specifiek: bij de afdeling Bodem en Ondergrond (WVL LOBO). Daarmee is een belangrijke stap gezet naar het opzetten van een regisserende basisorganisatie, in nauwe samenwerking met IPO, VNG, UvW, de beleidsafdelingen van IenW en Omgevingsdienst NL (ODNL).
Ron Nap is gestart als regisseur voor de basisorganisatie. Hij werkt aan de opbouw van het team dat de rol en taak van de basisorganisatie opzet.
Tot de zomer 2026 zal de basisorganisatie zich richten op de start uitvoering en inrichten van de volgende taken en bijhorende rollen:
- organiseren programmeertafel
- voorbereiden kennisprogrammering
- waar nodig organiseren kennisdeling en samenwerking netwerken
- verkenning van meer verbinding en samenhang van digitale platforms voor kennis(deling)
Versterking regionale kennisinfrastructuur
Het ministerie van IenW heeft voor een periode van 6 jaar een decentralisatie uitkering (DU) toegekend aan de provincies voor de inrichting van een regionale kennisfunctie. Het doel hiervan is dat in elke regio kennis en data over bodem en ondergrond actief worden gedeeld en dat kennisvragen op regionaal niveau worden geprogrammeerd. Dit gebeurt op het schaalniveau van provincies, maar de regionale kennisfunctie is nadrukkelijk ook bedoeld voor gemeenten en waterschappen in de betreffende provincie.
Bij de regionale uitwerking wordt ook gekeken naar de samenhang met het Kennisnetwerk van ODNL en naar de samenwerking met de kennisregisseur Bodem en Ondergrond. Provincies zijn aan zet om invulling van de regionale kenniscoördinatie samen met gemeenten en waterschappen te organiseren. Parallel daaraan werkt ODNL met dezelfde partners aan het uitwerken van haar plan voor de inrichting van een kennisinfrastructuur bodem die ondersteunend is aan de VTH‑taken (vergunningverlening, toezicht en handhaving). Dit plan vloeit voort uit het eindadvies van het Interbestuurlijk Programma VTH (IBP-VTH).
Advies- en programmeertafels 2026 en 2027
Kennisdeling en -ontwikkeling over bodem en ondergrond, het toepassen van deze inzichten in brede maatschappelijke opgaven en het uitwisselen van praktijkervaringen zijn hard nodig, maar niet vanzelfsprekend. Veel regionale kennisvragen kunnen binnen de eigen regio worden beantwoord, maar sommige zijn te complex of spelen in meerdere regio's tegelijk. In die gevallen is er zowel aanleiding als een kans om deze vragen te agenderen aan de nationale programmeertafel.
Landelijke kennisprogrammering
Een belangrijke taak van de basisorganisatie in de uitvoering is de jaarlijkse cyclus voor de landelijke kennisprogrammering via de advies- en programmeertafels. In 2025 is hiervoor een succesvolle pilot uitgevoerd. Op de programmeertafel komen nationale en regio-overstijgende kennisbehoefte samen. De kennisbehoefte is door de programmeertafel 2025 geprioriteerd en heeft geleid tot een voorstel voor de programmering 2026 met de volgende thema's:
- duurzaam gebruik en ordening van de ondergrond
- secundaire bouwstoffen
- afweging grond en bagger
- gezonde bodem
- monitoring van bodemsystemen
- stortplaatsen en opkomende stoffen
- aandacht voor praktijkkennis
Voor de uitvoering van het kennisprogramma 2026 wordt een statusoverzicht gemaakt. In 2026 volgt nadere informatie over de start van het proces voor de kennisprogrammering 2027.
Contact is mogelijk via Bodemplein@rws.nl.