Beoordelen BOPA
Een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) moet voldoen aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties en de instructieregels uit het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl).
Aanvraag afwijken regels omgevingsplan
Een initiatiefnemer vraagt een (buitenplanse) omgevingsplanactiviteit aan via het Omgevingsloket. Het Omgevingsloket bevat geen specifieke aanvraagmogelijkheid voor een BOPA. De BOPA wordt aangevraagd via de activiteit 'Afwijken van de regels omgevingsplan'.
Beoordelingsregels Bkl
Voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit gelden de beoordelingsregels uit het Bkl. Naast artikel 8.0a, lid 2, Bkl (evenwichtige toedeling van functies aan locaties Klik hier voor uitleg over dit begrip (opent in popup)) gelden de beoordelingsregels uit de artikelen 8.0b, 8.0c, 8.0d en 8.0e van het Bkl:
- de instructieregels voor het omgevingsplan uit hoofdstuk 5 van het Bkl
- de instructieregels van de provincie voor het omgevingsplan
- eventuele instructies van Rijk en provincie
- de voorbeschermingsregels in het omgevingsplan
- de regels die gelden voor het stellen van maatwerkregels, als het gaat om een omgevingsvergunning die betrekking heeft op een maatwerkregel
Daarnaast mag de BOPA het uitvoeren van een project waarvoor een projectbesluit is vastgesteld door de provincie of het Rijk niet belemmeren.
De artikelen 12.27a en 12.27b Bkl (opgenomen in hoofdstuk 12 ‘Overgangsrecht’ van het Bkl) bevatten tijdelijke beoordelingsregels voor de BOPA. Artikel 12.27a gaat over de beoordeling van opvolgende BOPA’s. Artikel 12.27b regelt dat diverse van de overgangsrechtelijke instructieregels in hoofdstuk 12 van het Bkl voor het omgevingsplan, ook gelden als beoordelingsregels voor de BOPA . Zie onder het kopje Tijdelijke beoordelingsregels BOPA.
Evenwichtige toedeling van functies aan locaties
Het bevoegd gezag mag een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit alleen verlenen met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (artikel 8.0a, lid 2, Bkl).
Het bevoegd gezag beoordeelt of de buitenplanse omgevingsplanactiviteit voldoet aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). Onderdeel hiervan is het toetsen van de BOPA aan het geldende beleid van het Rijk, de provincie en de gemeente. Als de ontwikkeling afwijkt van het beleid maar toch wenselijk is, kan het bevoegd gezag de BOPA ook verlenen. Er is een goede motivering van het besluit in afwijking van het beleid nodig.
Op de website van de VNG staan voorbeelden voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). Deze BOPA's zijn opgesteld voor initiatieven die in de praktijk ook daadwerkelijk zijn vergund. Ze bevatten een onderbouwing en zijn bedoeld ter inspiratie.
De Omgevingsregeling stelt specifieke aanvraagvereisten voor de BOPA (artikel 7.207b, onder 2). Onder andere dat de aanvrager de gegevens verstrekt die nodig zijn om de gevolgen van die activiteit te beoordelen voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Afhankelijk van de gevraagde activiteit en het effect daarvan op de omgeving, is de aan te leveren informatie uitgebreid of beperkt. Meer informatie hierover staat op de pagina Opvragen informatie beoordelen BOPA.
BOPA en welstand en beeldkwaliteit
Als de BOPA gericht is op een omgevingsplanactiviteit bouwen, dan bevat de ETFAL-beoordeling ook een toets aan eventuele welstandseisen en eventuele beeldkwaliteitseisen. Ook kan bevoegd gezag vergunningvoorschriften over welstand of beeldkwaliteit verbinden aan een BOPA. Meer informatie hierover staat op de pagina’s Welstand en welstandstoets, Beeldkwaliteitsplan en Voorschriften verbinden aan BOPA.
BOPA en mer-verplichtingen
Een omgevingsvergunning voor een BOPA kan project-mer(-beoordelings)plichtig zijn. Dat is afhankelijk van de activiteit waarvoor de vergunning wordt aangevraagd. Meer informatie staat op de pagina Vergunningplichtige activiteiten en milieueffectrapportage.
Is het project mer(beoordelings)-plichtig? Dan maakt de mer(beoordeling) deel uit van de onderbouwing van de BOPA. Een BOPA is geen plan of programma, dus er gelden geen plan-mer-verplichtingen.
Opvolgende BOPA
Voor de overgangsfase voor het omgevingsplan bevat artikel 12.27a Bkl een beoordelingsregel voor (opvolgende) BOPA-vergunningverlening. Dit artikel bepaalt dat bij het toepassen van artikel 8.0a, lid 2 Bkl, in ieder geval sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties voor zover de activiteit niet in strijd is met een eerder verleende omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit. Meer informatie hierover staat op de pagina Opvolgende BOPA.
Tijdelijke beoordelingsregels BOPA
Artikel 12.27b regelt dat diverse van de overgangsrechtelijke instructieregels voor het omgevingsplan in hoofdstuk 12 van het Bkl ook gelden als beoordelingsregels voor de BOPA.
Het betreft de instructieregels uit de artikelen:
- 12.2a: uitgestelde werking regels over activiteiten – voldoen aan geluidproductieplafonds
- 12.5a: uitgestelde werking uitzondering geluid door spoorvoertuigen op emplacementen
- 12.7, tweede en derde lid: tijdelijk geluidaandachtsgebied
- 12.8, 12.9 en 12.10: vergunningvrije bouwwerken en vergunningvrij gebruik voor huisvesting in verband met mantelzorg
- 12.13e: gevel niet-geluidgevoelig op grond van oude recht
- 12.13f: nieuwe niet-geluidgevoelige gevels bij provinciale wegen en industrieterreinen
- 12.13h: aanscherping grenswaarden geluid
- 12.13i en 12.13ia: overgangsfase tot vaststelling geluidproductieplafonds
- 12.13j: tijdelijke instructieregel geluid windturbines en windparken
- 12.13m: overgangsrecht geluid van een gemeenteweg en lokale spoorweg samen
- 12.14: tijdelijke bebouwingscontour geur
- 12.26: ruimtelijke beperkingen geluidzones en obstakelbeheergebieden militaire luchtvaartterreinen.
Ontheffing instructieregels
In bepaalde gevallen is het mogelijk om ontheffing van de instructieregels te vragen. Dit is geregeld in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl):
- artikel 5.166 voor het omgevingsplan
- artikel 7.15 voor de omgevingsverordening
- artikel 9.4 voor het projectbesluit
Meer informatie
Evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL)
Evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL) betekent dat er een balans bestaat tussen verschillende functies die locaties binnen een gebied kunnen vervullen. Deze regels houden meer in dan alleen het bestemmen in een bestemmingsplan. Denk bij een functie bijvoorbeeld aan een netwerkfunctie (kabels en leidingen) of waterbergende functie (milieu).
Lees meer over evenwichtige toedeling van functies aan locaties.