Woningbouwprojecten en mer(-beoordeling)
Een woningbouwproject en/of het ruimtelijk inpassen van woningen met een wijziging omgevingsplan, buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) of binnenplanse omgevingsplanactiviteit (OPA) kan mer-(beoordelings-)plichtig zijn. Afhankelijk van het type besluit is er sprake van een project-mer(-beoordeling) of een plan-mer(-beoordeling).
Ook kan er een plan-mer(-beoordeling) nodig zijn als er door het stedelijk ontwikkelingsproject bij een plan of programma sprake is van een passende beoordeling in het kader van de natuurbescherming.
Stedelijk ontwikkelingsproject
Eén van de meest voorkomende mer-categorieën is categorie J11 stedelijk ontwikkelingsproject (Bijlage V, Omgevingsbesluit (verwijst naar een andere website)). Deze categorie heeft betrekking op bouwprojecten en/of ruimtelijke inpassen van woningen, parkeerterreinen, bioscopen, theaters, sportcentra, kantoorgebouwen en dergelijke of een combinatie daarvan. Of een woningbouwproject onder de categorie stedelijke ontwikkelingsproject valt hangt af van de concrete omstandigheden van het geval, waarbij onder meer aspecten als de aard en de omvang van de voorziene wijziging van de stedelijke ontwikkeling een rol spelen. Het is niet afhankelijk van de vraag of per saldo aanzienlijke negatieve gevolgen voor het milieu kunnen ontstaan.
Doel mer(-beoordeling)
Het doel van een mer(-beoordeling) is het milieubelang een volwaardige plaats geven in de besluitvorming. Het gaat dan om besluitvorming over plannen en projecten die duidelijke milieueffecten kunnen hebben. Milieu is een breed begrip. Het gaat onder andere om geluid, externe veiligheid, water, bodem, lucht, mobiliteit, natuur, gezondheid en cultureel erfgoed.
Maatregelen
Soms blijkt uit de mer(-beoordeling) dat er maatregelen nodig zijn om de milieueffecten te beperken. Deze maatregelen moeten geborgd worden in het omgevingsplan of de omgevingsvergunning voor de omgevingsplanactiviteit.
Plan
Een omgevingsplan is plan-mer-(beoordelings)plichtig als het een kader vormt voor besluiten voor mer-(beoordelings)plichtige projecten. We spreken in ieder geval over 'een kader vormen' als in het plan een locatie- of tracékeuze staat. Een 'kader' moet concreet genoeg zijn en is in zekere mate bindend voor een later project-mer-(beoordelings)plichtig besluit. Het omgevingsplan is bijvoorbeeld kaderstellend als het voor een woningbouwproject een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit (OPA) voorschrijft. Meer informatie staat op de webpagina Plannen en programma's en de milieueffectrapportage.
In veel gevallen mag voor een kaderstellend plan, voor een stedelijke ontwikkelingsproject, gebruik worden gemaakt van een plan-mer-beoordeling. Dit is mogelijk als het gaat om kleine gebieden op lokaal niveau of kleine wijzigingen van het plan of programma. Daarbij mag het plan geen andere projecten uit bijlage V mogelijk maken die op of boven de drempels in kolom 2 van Bijlage V Omgevingsbesluit uitkomen. Is dat wel het geval dan geldt een plan-mer-plicht.
Ook als het omgevingsplan een kader is voor projecten die niet in bijlage V van het Omgevingsbesluit staan, kan het omgevingsplan plan-mer-beoordelingsplichtig zijn. Bijvoorbeeld bij woningbouw die geen stedelijk ontwikkelingsproject is, zoals een enkele woning. Als daarvoor een binnenplanse OPA is voorgeschreven, geldt namelijk een plan-mer-beoordelingsplicht voor het Omgevingsplan.
Zie voor meer informatie ook het beslisschema plan-mer.
Project
Een woningbouwproject en/of het ruimtelijk inpassen van woningen met een BOPA, OPA of wijziging omgevingsplan kan project-mer-(beoordelings)plichtig zijn. Dit volgt uit Bijlage V en artikel 11.8 lid 3 van het Omgevingsbesluit. De project-mer-beoordelingsplicht geldt bijvoorbeeld voor de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject (bijlage V, onderdeel J11 Omgevingsbesluit (verwijst naar een andere website)). Bij het ruimtelijk inpassen van woningen moet er dus een mer-beoordeling plaatsvinden als de woningen onderdeel zijn van een stedelijk ontwikkelingsproject. Wanneer de bouw van woningen gecombineerd wordt met andere zaken, zoals de ontwikkeling van een jachthaven of een vakantiedorp, kan het project ook om andere redenen project-mer-(beoordelings)plichtig zijn.
Natura 2000-gebieden
De gemeente moet een plan-milieueffectrapport (plan-MER) maken als er bij het omgevingsplan een passende beoordeling in het kader van natuurbescherming nodig is. Dit is het geval als niet uitgesloten is dat de activiteit, bijvoorbeeld een woningbouwproject,een significant negatief effect heeft op een Natura 2000-gebied. Hierop geldt een uitzondering. Artikel 16.36 lid 3 en 4 van de Omgevingswet biedt de mogelijkheid van een plan-mer-beoordeling, ook als een passende beoordeling nodig is. Dit is mogelijk als het gaat om kleine gebieden op lokaal niveau of kleine wijzigingen. Als uit de passende beoordeling blijkt dat er geen significant negatieve gevolgen kunnen zijn, en er ook anderszins geen aanzienlijke gevolgen voor het milieu kunnen zijn, is een plan-MER niet verplicht.
Meer informatie vindt u op de pagina Milieueffectrapportage.