Gebruikershandleiding V-Stacks gebied in Geomilieu
Het verspreidingsmodel V-Stacks gebied is vanaf versie 2026 een module binnen het softwarepakket Geomilieu. In deze gebruikershandleiding vindt u informatie over de opzet en het gebruik van de module V-Stacks gebied in Geomilieu.
Gemeenten kunnen het verspreidingsmodel V-Stacks gebied gebruiken voor het berekenen van de achtergrondbelasting van geur. Het is een hulpmiddel bij het ontwikkelen van een omgevingsvisie en het maken en vaststellen van geurregels in het omgevingsplan. Het is niet wettelijk verplicht om het verspreidingsmodel V-Stacks gebied te gebruiken.
Achtergrondbelasting berekenen
Om de achtergrondbelasting te berekenen met V-Stacks gebied voert u gegevens in van de bronnen en de omliggende geurgevoelige gebouwen (toetspunten). Bij het berekenen van de achtergrondbelasting houdt het model rekening met de meteorologische gegevens en de ruwheid van de omgeving.
Naast de 'Gebruikershandleiding V-Stacks gebied in Geomilieu' van het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) is bij het softwarepakket Geomilieu de Helpfile behorende bij versie 2026 beschikbaar. Dit document gaat specifiek in op het gebruik van V-Stacks gebied, zoals het afbakenen van het onderzoeksgebied en het rekenproces (zie kopje 'Rekenmethoden - Luchtkwaliteit' in de helpfile).
Daarnaast is er een Snelstartgids Geomilieu (pdf, 1.1 MB) beschikbaar. De Snelstartgids is een beknopte handleiding en geeft informatie over onderwerpen als de installatie van de software, het aanmaken van nieuwe projecten, het invoeren van data en het uitvoeren van een berekening.
Gebruikershandleiding V-Stacks gebied
Installatie V-Stacks gebied in Geomilieu
Het installeren van V-Stacks gebied versie 2026 op een computer doet u als volgt:
- Maak een map aan waarin u versie 2026 wilt installeren. De voorkeursfolder voor de installatie is 'C:\Program Files\Geomilieu <versie>'.
- Download het installatiebestand via iplo.nl.
- Plaats het installatiebestand in de map die u bij stap 1 heeft aangemaakt.
- Dubbelklik op het bestand om de installatie te starten. Volg hierbij de installatieprocedure.
- Na installatie kunt u in het startmenu van Windows klikken op het Geomilieu-icoon om het softwarepakket Geomilieu te openen, met daarin de module V-Stacks gebied versie 2026. Ook kunt u een snelkoppeling aanmaken op het bureaublad.
Openingsscherm
Na het opstarten ziet u het hoofdvenster van Geomilieu. En daarna het venster waarin u een nieuw project kunt aanmaken of een bestaand project kunt openen. Automatisch zal het project worden geselecteerd dat als laatste geopend is.
Aanmaken van een nieuw project
Het aanmaken van een nieuw project waarin u de gegevens van de veehouderijen (bronnen) en de omliggende geurgevoelige gebouwen (toetspunten) kunt invoeren, kan op 2 manieren:
- via het venster 'Openen Geomilieu project' (dat automatisch opent na het opstarten van Geomilieu) door te klikken op de knop 'Nieuw project'
- via het menu 'Bestand – Open project'; daarna klikken op de knop 'Nieuw project'
Vervolgens kunt u de mapnaam (projectnaam) aangeven van het nieuwe project en een projectbeschrijving geven. De mapnaam (projectnaam) is de foldernaam, waarin het project wordt opgeslagen op uw computer. Klik daarna op de knop 'OK'.
Op het scherm verschijnt het venster 'Open model'. Hierin kunt u in Geomilieu het projectgebied, de versie en het model aangeven. Dit gaat als volgt:
- Klik op de knop 'Nieuw gebied' en vul de naam in van het projectgebied. Bijvoorbeeld de naam van de gemeente en/of de locatie van de veehouderijen (Gemeente 1 – deelgebied x). Klik daarna op 'OK'.
- Daarna kunt u de versie aangeven (bijvoorbeeld 'Situatie in 2026'). Klik daarna op 'OK'.
- Tot slot kunt u het model aanmaken. De omschrijving die u hier invult, wordt ook afgedrukt op de pdf met de resultaten van de berekening (bijvoorbeeld Deelgebied x – 2026 – Actuele situatie). In dit venster selecteert u ook de 'Rekenmethode'. In dit geval 'V-Stacks (gebied)'. Klik daarna op 'OK'.
Op het scherm verschijnt het venster 'Open model' met daarin een overzicht van de gegevens die u zojuist heeft ingevuld. Klik op de knop 'Open'. Daarna verschijnt een schematische kaart van Nederland op het scherm. De gegevens van de veehouderijen met de daarbij behorende toetspunten (geurgevoelige gebouwen) kunt u nu gaan invoeren in het project.
De structuur van een project in Geomilieu ('gebied/versie/model') is te vergelijken met de wijze waarop bestanden op een computer zijn georganiseerd:
- gebied = drive
- versie = folder
- model = bestand
Meer uitleg over de structuur staat in de Snelstartgids Geomilieu (pdf, 1.1 MB) paragraaf 3.1 Projecten en modellen.
Openen van een bestaand project
Het openen van eerder ingevoerde projecten kan via het menu 'Bestand – Open project'. Op het scherm verschijnt het venster 'Open Geomilieu project', waarna u een eerder ingevoerd project kunt openen.
Invoeren van gegevens in een project
Na het aanmaken van het project kunt u de gegevens van de veehouderijen en de omliggende woningen invoeren. De gegevens van de veehouderijen en de omliggende woningen kunt u importeren als 2 aparte .dat-bestanden (net als in V-Stacks gebied versie 2020). Het ene bestand bevat de gegevens van de veehouderijen (bronnen) en het andere bestand bevat de gegevens van de geurgevoelige gebouwen (toetspunten).
Voor de berekening zijn de volgende invoergegevens nodig over de veehouderijen en de geurgevoelige gebouwen.
Veehouderijen:
- coördinaten bronnen
- gemiddelde gebouwhoogte
- hoogte uitstroomopening
- diameter uitstroomopening
- verticale uittreesnelheid
- geuremissie per bron
- maximaal vergunbare emissie per bron
Geurgevoelige gebouwen:
- coördinaten van het geurgevoelige gebouw
- geurnorm die geldt voor het geurgevoelige gebouw
Meer informatie over de invoer van de bronnen, het afbakenen van het onderzoeksgebied en uitleg over het rekenproces vindt u in de Helpfile van Geomilieu onder het kopje 'Rekenmethoden - Luchtkwaliteit'.
Importeren van bronnen en geurgevoelige gebouwen in 2 aparte .dat-bestanden
Het importeren van de .dat-bestanden in de module V-Stacks gebied versie 2026 gaat als volgt:
- Selecteer via het tabblad 'Bestand' de optie 'Importeren' ('Bestand – Importeren').
- Kies daarna 'Import van V-Stacks CSV…' onderaan in de lijst met opties voor het importeren van bestanden.
- Het venster 'Importeren V-Stacks (gebied)' verschijnt. Hierin kunt u de map selecteren met het rekenpuntenbestand (toetspunten) en de map met het bronnenbestand.
- Klik vervolgens op de knop 'Importeren'.
Op het scherm verschijnen de emissiepunten van de bronnen en de toetspunten in de schematische kaart van Nederland. De emissiepunten van de bronnen zijn weergegeven in het rood (een sterretje). De toetspunten zijn weergegeven in het zwart (een rondje met daarin een punt).
U kunt maximaal 5.000 bronnen importeren en doorrekenen in V-Stacks gebied versie 2026. Het aantal rekenpunten is maximaal 10.000 (toetspunten inclusief gridpunten) .
Voorbeeld invoerbestanden (.dat-bestanden)
Een .dat-bestand is een bestandstype dat u vanuit een .txt-bestand met Kladblok kunt aanmaken. Het is belangrijk dat de .txt-bestanden die u gebruikt, precies dezelfde opmaak hebben als de onderstaande bestanden:
- voorbeeld invoerbestand voor bronnen (txt, 626 bytes)
- voorbeeld invoerbestand voor toetspunten (txt, 557 bytes)
Het opslaan van een .txt-bestand als .dat-bestand gaat als volgt:
- Open het .txt-bestand in Kladblok.
- Selecteer via het tabblad 'Bestand' de optie 'Opslaan als'.
- Zet '.dat' achter de bestandsnaam, bijvoorbeeld 'bronnen.dat'.
- Kies bij 'Opslaan als type' de optie 'Alle bestanden (.)'.
- Kies bij 'Codering' bij voorkeur 'UTF-8'.
- Klik op de knop 'Opslaan'.
Sorteren van de invoergegevens
Via het menu 'Model – lijst van items' kunt u de ingevoerde bronnen en de ingevoerde geurgevoelige gebouwen (toetspunten) bekijken en sorteren. Om bijvoorbeeld de toetspunten te sorteren, klikt u eerst op het itemtype 'toetspunt' en vervolgens klikt u 1 keer op de titel van een kolom.
Aanpassen van de invoergegevens
Via het menu 'Model – lijst van items' kunt u de ingevoerde bronnen en ingevoerde geurgevoelige gebouwen (toetspunten) aanpassen. De ingevoerde gegevens van bijvoorbeeld een veehouderij kunt u aanpassen door te klikken op het itemtype Veehouderij (linksboven). Daarna selecteert u de regel die u wilt aanpassen. Klik daarna op de knop 'Bewerken' rechtsonder om de gegevens aan te passen. Via de knop 'Verwijderen' kunt u een bron verwijderen.
Kopiëren van een model
Het is mogelijk een kopie te maken van een model met daarin de gegevens van de veehouderijen en geurgevoelige gebouwen (toetspunten). Via het menu 'Bestand – Open project' opent u het project met daarin de gegevens van het model dat u wilt kopiëren. Selecteer het project en klik op de knop 'OK'. Op het scherm verschijnt het venster 'Open model'. Hierin kunt u een kopie maken van het model met daarin de gegevens van de veehouderijen en geurgevoelige gebouwen. De naam van het gekopieerde model kunt u naar wens aanpassen.
De gegevens van de veehouderijen en de toetspunten kunt u aanpassen via het menu 'Model – Lijst van items'. Met deze optie kunt u variëren met de berekeningen, zonder de oorspronkelijke invoergegevens te moeten overschrijven of opnieuw te moeten invoeren.
Uitvoeren van een berekening
Rekeninstellingen
Voordat u de berekening kan starten, moet u een aantal rekeninstellingen aangeven. U doet dit via het menu 'Berekeningen – Instellingen'.
Steekproefberekening
Het percentage rekenuren bepaalt zowel de rekentijd als de rekennauwkeurigheid. De aanbevolen waarde is 10%. Voor een snelle 1e berekening kunt u 3% nemen en voor een kritische finale berekening 25%. Het is mogelijk om met 100% van de uren te rekenen. Het percentage geeft aan welk deel van de uren uit de 10-jarige set meteogegevens doorgerekend wordt.
Maximale afstand
De maximale afstand tussen het toetspunt (= geurgevoelige gebouw) en de bron heeft 2 functies:
- De maximale emissie per bron wordt bepaald door de omliggende geurgevoelige gebouwen. Geurgevoelige gebouwen buiten deze 'maximale afstand' worden niet meegenomen in de berekening.
- De achtergrondbelasting op een geurgevoelig gebouw wordt bepaald door de omliggende veehouderijen. Veehouderijen die verder dan de hier opgegeven 'maximale afstand' liggen, worden niet meegerekend in de achtergrondbelasting.
De aanbevolen waarde voor de maximale afstand is 2.000 m. Voor de 1e functie: het meest kritische geurgevoelige gebouw ligt meestal dichterbij. Voor de 2e functie: in 'Afbakenen van onderzoeksgebied' in de Helpfile van Geomilieu zijn de situaties beschreven waarvoor u een andere waarde kunt overwegen.
Terreinruwheid
U kunt het rekenmodel automatisch de terreinruwheid laten bepalen of zelf handmatig een ruwheid invoeren. Het advies is om het rekenmodel de terreinruwheid te laten bepalen. Het model gebruikt daarvoor een kwalitatief hoogstaand bestand (LGN2023 bestand) voor heel Nederland.
In het venster 'Rekeninstellingen' zijn de coördinaten van het modelgebied aangegeven op basis waarvan de terreinruwheid is bepaald en de bijbehorende terreinruwheid. U kunt de coördinaten van het modelgebied waarover de terreinruwheid wordt bepaald ook wijzigen. Geomilieu past dan de terreinruwheid automatisch aan op basis van deze coördinaten via de Pre-SRM.
Als dat nodig is, kunt u zelf handmatig de ruwheid invullen. Een reden om een afwijkende ruwheid in te voeren kan zijn, dat de situatie ingrijpend is aangepast. Bijvoorbeeld door de bouw van een nieuwe woonwijk, de realisatie van een bedrijventerrein of de sloop van een groot aantal gebouwen na 2023. Het moet gaan om aanzienlijk meer of minder bebouwing. Een enkele woning die erbij is gekomen of is gesloopt, is niet relevant voor de ruwheid.
Berekening starten
Nadat u de bronnen, geurgevoelige gebouwen en de rekeninstellingen heeft ingevoerd, kunt u de berekening uitvoeren. Bij de berekening maakt het rekenmodel gebruik van de terreinruwheid (LGN2023) en de meteorologische data gebaseerd op de periode 2014-2023.
Het doorrekenen van het gebied start u via het menu 'Berekeningen – Berekening starten'. Het venster 'Start berekening' verschijnt, waarna u de berekening kunt starten door te klikken op de knop 'Start'. Tijdens het rekenen komt het venster 'Berekeningsvoortgang' in beeld. Als de berekening voltooid is, rondt u de berekening af met de knop 'Sluiten'.
Resultaten bekijken en exporteren
Als de berekening klaar is, kunt u via het menu 'Resultaten – Resultatentabel' de berekende achtergrondbelastingen van geur op de geurgevoelige gebouwen bekijken. Via het menu 'Resultaten – Bronresultaten' kunt u voor iedere bron in het gebied het kritische geurgevoelige gebouw bekijken.
U kunt u een pdf maken van de rekenresultaten (pdf, 4.9 kB) en de bronresultaten (pdf, 4.8 kB) via de knop 'Afdrukken'. De rekenresultaten en bronresultaten kunt u ook exporteren naar bijvoorbeeld Excel met de knop 'Kopieer volledige tabel'. Deze knop staat direct links van de knop 'Sluiten'.
U kunt de berekende geurbelasting met labels aangeven in de schematische kaart waarop de bronnen en de geurgevoelige gebouwen te zien zijn. Dit kan via het menu 'Resultaten – Contouren en Labels', waarna het venster 'Contouren en labels' verschijnt. In dit venster vinkt u aan 'Toon waarden op toetspunten'.
In Geomilieu is het mogelijk om in 1 venster meerdere modellen te openen, zodat u de rekenresultaten kunt vergelijken. Dit kan als u één model geopend heeft via het menu 'Venster – Horizontaal/verticaal naast elkaar'. Vervolgens kunt u een 2e model openen via het menu 'Model – Open'.
Grid - geurcontouren
Via de optie 'Grid' in de werkbalk kunt u geurcontouren laten berekenen. Open via het menu 'Bestand – Open project' het project waarvoor u een contourberekening wilt laten uitvoeren. Klik op de knop 'OK'. Op het scherm verschijnt het venster 'Open model'. Hierin kunt u het juiste model selecteren en openen. Klik daarna in de werkbalk (links onder in het scherm) op de optie 'Grid' en teken het kader van het grid op het scherm met de muis.
Het venster 'Grid' verschijnt. Hierin kunt u in het tabblad 'Coördinaten' als dit nodig is de x- en y- coördinaten van de hoekpunten van het grid aanpassen. In het tabblad 'Eigenschappen' geeft u de afstand tussen de individuele gridpunten aan. Bijvoorbeeld 100 m. Klik op de knop 'OK'. Op het scherm verschijnt de schematische kaart van Nederland met daarin de bronnen, de toetspunten en de gridpunten.
Let op: het maximale aantal rekenpunten in V-Stacks gebied versie 2026 is 10.000 (toetspunten inclusief gridpunten).
Het doorrekenen van de bronnen met de toets- en gridpunten start u via het menu 'Berekeningen – Berekening starten'. Het venster 'Start berekening' verschijnt, waarna u de berekening kunt starten door te klikken op de knop 'Start'. Tijdens het rekenen is het venster 'Berekeningsvoortgang' in beeld. Als de berekening is voltooid, rondt u de berekening af met de knop 'Sluiten'.
Daarna kunt u geurcontouren op de schematische kaart weergegeven via het menu 'Resultaten – Contouren en Labels'. Het venster 'Contouren en labels' verschijnt. Hierin vinkt u bijvoorbeeld 'Lijnen' aan, zodat de geurcontouren als lijnen op de kaart weergegeven worden.
Demonstratieproject (DemoDB)
Met Geomilieu wordt een demonstratieproject meegeleverd. Dit project kunt u installeren door in het hoofdmenu te kiezen voor 'Bestand – Installeren voorbeeldproject'. Daarna opent het venster 'Open model' met daarin een model voor zowel V-Stacks vergunning (VSV-model) als V-Stacks gebied (VSG-model). Selecteer het gewenste model door erop te klikken met de muis. Met de knop 'Open' opent u het demonstratiemodel. Bij het VSG-model verschijnen op het scherm 9 bronnen en 26 toetspunten (woningen). Het doorrekenen van het VSG-model start u via het menu 'Berekeningen – Berekening starten'. De berekende achtergrondbelasting van de bronnen op de omliggende woningen kunt u bekijken via het menu 'Resultaten – Resultatentabel'. In de resultatentabel ziet u per toetspunt de berekende achtergrondbelasting. Via het menu 'Resultaten – Bronresultaten' kunt u voor iedere bron onder andere de berekende geuremissies en het kritische toetspunt bekijken.