Er zijn verschillende technieken om mest te behandelen. Op deze pagina vindt u een overzicht van veel voorkomende technieken en de milieueffecten.
Landinrichting heeft als doel om de inrichting van het landelijk gebied te verbeteren in overeenstemming met de functies van het gebied.
Er zijn een paar verschillen tussen de regeling over landinrichting in de Aanvullingswet grondeigendom en de Wet inrichting landelijk gebied. Het ...
Kavelruil vindt plaats met een schriftelijke kavelruilovereenkomst en kavelruilakte. De Omgevingswet stelt eisen en regelt de zakelijke werking.
Kavelruil landelijk gebied is een categorie kavelruil die provincies kunnen stimuleren en waarvoor een vrijstelling van de overdrachtsbelasting geldt.
Een veehouder moet passende preventieve maatregelen nemen om de emissies van ammoniak te verminderen. Deze worden beoordeeld.
Endotoxinen zijn celwandresten van bacteriën die bij mensen onder meer luchtwegklachten kunnen veroorzaken. Ze verspreiden zich via stof uit stallen.
De wijzigingsbevoegdheid en uitwerkingsplicht worden onderdeel van het tijdelijk deel van het omgevingsplan. Als een bouwactiviteit past binnen de regels ...
Informatie over gezondheidseffecten van pluimveebedrijven. Pluimveehouderijen spelen een belangrijke rol bij de emissies van fijnstof en endotoxinen.
Een overzicht met onderzoeksresultaten over de relaties tussen (intensieve) veehouderijen en de gezondheid van omwonenden.
Gemeenten en provincies moeten gezondheid meewegen in hun besluitvorming. Wanneer zijn mogelijke risico's van veehouderijen aanvaardbaar?
Via toelatingsregels in het omgevingsplan kan de gemeente mogelijke gezondheidsrisico's door veehouderijen voorkomen of beperken.
Gemeenten en provincies kunnen hun beleid bij het afwegen van gezondheidsrisico’s bij veehouderijen vastleggen in een omgevingsvisie.
De provincie kan in haar omgevingsverordening eisen stellen aan omgevingsplannen voor veehouderijen. Bijvoorbeeld omgevingswaarden en instructieregels.
Er kunnen technische maatregelen en voer- en managementmaatregelen worden ingezet om emissies uit de stallen te beperken en de gezondheid te verbeteren.
In de BBT-conclusies staan maatregelen voor beperken van waterverbruik en beperken van de emissies in afvalwater. Het gaat om BBT 5, 6 en 7.
In de BBT-conclusies 14 tot en met 21 voor veehouderijen staan eisen voor de emissies van het opslaan, uitrijden en verwerken van mest.
In de BBT-conclusies 3, 4 en 24 staan maatregelen voor beperken van stikstofexcretie en ammoniakemissie in relatie tot voeding.
In de BBT-conclusies voor de intensieve veehouderij staan maatregelen die invulling geven aan een goede landbouwpraktijk.
In de BBT-conclusies staan maatregelen voor energiebesparing bij veehouderijen. BBT staat voor beste beschikbare technieken. Het gaat om BBT 8.
In de BBT-conclusies staan maatregelen voor het beperken van geluid bij veehouderijen. BBT staat voor beste beschikbare technieken.
Instructies over het gebruik van ISL3a samen met V-stacks om te bepalen of er een omgevingsvergunning nodig is voor het houden van dieren.
Een nieuwe veehouderij of de uitbreiding van een bestaande kan leiden tot een verslechtering van de luchtkwaliteit. Daarom gelden instructieregels.
Het verspreidingsmodel V-Stacks vergunning is een verplicht model om de geurbelasting voor woningen bij een individuele veehouderij te berekenen.
De werking en het gebruik van V-Stacks vergunning zijn beschreven in handleidingen. Deze kunt u downloaden en raadplegen voor het uitvoeren van berekeningen.